Een heel Britse moord – Ivan Ollevier

Het Verenigd Koninkrijk gaat jaren van politieke onzekerheid tegemoet. Tegen eind 2017 komt er een referendum over het Britse lidmaatschap van de Europese Unie, dat heeft koningin Elizabeth vorige week nog beloofd in haar Queen’s Speech, de toespraak waarmee ze traditioneel het parlementaire jaar opent. Tot dan moet de bedrijfswereld in de onzekerheid leven. Het is nog te vroeg om nu al voorspellingen te doen over de uitkomst, en van de verkiezingen ruim een maand geleden hebben de journalisten met scha en schande geleerd dat het gevaarlijk is om blindelings de opiniepeilers te geloven. Maar zal het referendum dan ook een eind maken aan die onzekerheid? Dat is hoogst onwaarschijnlijk.
labels
Analyse
Aansturen van de 'analyse' teaser o.a. op de home pagina en 'analyse' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'analyse' overzichtspagina

In zijn buitengoed Chequers zaten David en Angela samen naar afleveringen van Midsomer Murders te kijken, de legendarische detectivereeks die speelt in een fictief koekendozendorp in Engeland (wegens het hoge aantal moorden moet Midsomer zowat het gevaarlijkste graafschap van het land zijn, maar dit geheel terzijde). Angela is een grote fan van de reeks, en David ook. Toen de afspraak voor haar bezoek gemaakt werd, liet hij John Nettles uitnodigen, de acteur die gestalte geeft aan inspecteur Barnaby, maar om een of andere reden viel die ontmoeting in het water. De troostprijs was dan maar een dvd-box, waarvan ze die avond op Chequers samen enkele afleveringen consumeerden.

David had eerder die dag geklaagd over de verdeeldheid binnen zijn partij: sommige ministers waren fervente aanhangers van de Europese Unie (Kenneth Clarke), andere waren even fervente tegenstanders (Michael Gove), en hun onderlinge geruzie verlamde zijn regering, had hij gesomberd. Hijzelf was nogal gewonnen voor een verdere Europese integratie, en hij slaagde er niet in zijn ministers, laat staan de Conservatieve parlementsleden, op één lijn te krijgen. Mogelijk was het toen dat Angela, tussen de eerste en de tweede moord in “Death in Disguise” in, David het idee van een referendum in het oor fluisterde. “Paai ze met de belofte van een referendum, in de niet al te nabije toekomst. Dat zal jou ’t leven vergemakkelijken.” Of ze dat ook woordelijk heeft gezegd, is niet bekend. Maar dat het iets van die strekking is geweest, is dat wel. En ook de anekdote van Midsomer Murders klopt. Tegen dat de derde dode was gevallen, vond David dat Angela misschien wel een punt had. Ze kende immers het klappen van de zweep. Leidde ze zelf al niet jarenlang, met succes, haar eigen CDU, en wat dat ook geen krabbenmand? En was ze niet al jarenlang bondskanselier?

Britse referenda

Dat Cameron daar nu zelf niet aan gedacht had! Hij is een bedachtzame en pragmatische man. Hij liet het idee nog even bezinken, en maakte een jaar later bekend dat hij het niet ongenegen was: een “in-of-uit”-referendum, in de hoop dat hij in de aanloop daarnaartoe zijn Conservatieve Partij weer rond zijn figuur zou kunnen verenigen. Dat hij op 7 mei op overtuigende wijze de parlementsverkiezingen won en herbevestigd werd als premier, lijkt hem nu gelijk te geven.

Of toch niet? Er is iets vreemds aan de hand met Britse referenda. Even lijken ze erin te slagen de gelederen te doen sluiten, maar algauw barst de hel weer los. In 1975 organiseerde de toenmalige Labourpremier Harold Wilson ook al een “in-of-uit”-volksraadpleging. Het zou wettelijk bindend zijn voor alle toekomstige legislaturen, en ook Wilson deed dat om zijn partij bijeen te houden. Kort daarna viel Labour uit elkaar, en zag de Social Democratic Party het daglicht. Al acht jaar na het referendum, in 1983, schreef Labour in het radicaalste verkiezingsprogramma uit zijn geschiedenis dat het Verenigd Koninkrijk de toenmalige Europese Economische Gemeenschap moest verlaten. Waar was dat verenigende en wettelijk bindende karakter van dat referendum gebleven?

Niet “the end game”

Hetzelfde geldt voor het Schotse referendum van september vorig jaar. Een meerderheid van Schotse kiezers stemde voor een voortzetting van de unie met Engeland, Wales en Noord-Ierland, maar sinds de Schotse nationalisten zo overtuigend, met de helft van de stemmen, de verkiezingen in Schotland gewonnen hebben, gaan er stemmen op om dat referendum nog eens over te doen. En wat het EU-referendum betreft: nu al waarschuwen vooraanstaande Conservatieve politici, onder wie zelfs kabinetsleden, dat ze geen genoegen zullen nemen met een stem vóór de Europese Unie in de komende volksraadpleging. Het zal niet “the end game” zijn, zegt een van hen vorige zondag in The Sunday Telegraph, en er zal een herkansing moeten komen vóór 2020. En als het een stem wordt tegen de Unie, dan kun je er donder op zeggen dat er over maximaal tien jaar weer een volgt om opnieuw lid te worden, onder gewijzigde omstandigheden dan.

In 1997 beloofde zowel de Conservatieve Partij als Labour een referendum over de eenheidsmunt. Het is er nooit van gekomen. Enkele jaren later was er een beloofd over de Europese grondwet, maar omdat Frankrijk en Nederland, tot grote opluchting van de toenmalige Labourregering, dat al hadden verworpen, is het er ook nooit van gekomen. Afgelasting, of zelfs uitstel, zal vermoedelijk niet het lot worden van het nu aangekondigde referendum. Er komt een regelrechte opstand binnen de Conservatieve Partij, mocht Cameron het nog maar durven te overwegen. Of politieke zelfmoord. Misschien dat inspecteur Barnaby dan wel de enige zou zijn die doorheeft dat het een Duitse bezoekster was die gif in zijn drankje had gedaan? Of was het in zijn oor, zoals Claudius dat bij de vader van Hamlet had gedaan?
 

(Ivan Ollevier is anglofiel en buitenlandjournalist bij VRT Nieuws.)