Meest recent

    Het recht om een nationale partij te zijn! - Ivan De Vadder

    Het was Steven Vanackere die in 2012 het al eens opperde. "De splitsing van de Belgische politieke partijen in Franstalige en Nederlandstalige partijen in de jaren zeventig was een vergissing."
    analyse
    Analyse

    De toenmalige minister van Financiën Vanackere antwoordde open en eerlijk op de vraag van een buitenlands journalist tijdens een rondetafelgesprek van de denktank European Policy Centre. En de vraag was wat volgens hem de grootste politieke vergissing in de geschiedenis van België was. "Dat is dat we geen nationale partijen meer hebben, maar partijen die verdeeld zijn op taalbasis", antwoordde Vanackere, nadat hij had erkend dat zijn antwoord wellicht niet op unanimiteit zou kunnen rekenen binnen zijn partij.

    De hele discussie ontstond destijds naar aanleiding van het idee van de federale kieskring. Zo’n kieskring zou het opnieuw mogelijk maken een aantal parlementsleden op nationale basis te verkiezen. De politici zouden dan gedwongen worden om campagne te voeren aan de twee kanten van de taalgrens, wat volgens sommige waarnemers de toenemende verwijdering van de gemeenschappen in dit land zou kunnen vertragen, of zelfs ongedaan maken. Nu duikt de discussie over nationale partijen opnieuw op, omdat de communistische partij PVDA-PTB beweert dat het haar onmogelijk wordt gemaakt om zo’n nationale partij te zijn.

    De twee vertegenwoordigers van de PTB-PVDA in het parlement, Raoul Hedebouw en Marco Van Hees, stellen zich consequent voor als lid van een nationale partij. De Partij van de Arbeid-Parti du Travail Belge heeft namelijk maar één voorzitter, één dagelijks bestuur, één partijbureau, één nationale raad, één vijfjaarlijks congres, één ledenbestand, één site (al zijn er twee adressen pvda.be en ptb.be), één maandblad, één centrale boekhouding, één financieel jaarverslag, één studiedienst én één partijgebouw.

    De partij beantwoordt dus volledig aan het idee van een nationale partij zoals die in ons land bestond tot aan het midden van de vorige eeuw. En zolang de partij geen verkozenen had, was daar ook geen probleem mee. Maar nu de partij in het parlement vertegenwoordigd is, duiken de problemen op. In de eerste plaats draait het allemaal rond de partijfinanciering.

    Vlaamse stemmen

    De regels over de partijfinanciering beperken de partijen in hun verkiezingsuitgaven, en regelen de overheidsinkomsten van de partijen. Zo is er de regel dat elke partij bij verkiezingen niet meer dan één miljoen euro mag uitgeven. Dat is het wettelijke uitgavenplafond dat voorzien is in de partijfinanciering. 

    In het voorjaar van 2014, enkele maanden voor de verkiezingen, beslist de parlementaire controlecommissie betreffende de verkiezingsuitgaven en de boekhouding van de politieke partijen om de PVDA-PTB als één partij te behandelen. Het betekent dat de partij voor al haar kandidaten, zowel in Vlaanderen, Wallonië én Brussel, maximaal één miljoen euro mag uitgeven aan verkiezingspropaganda. De partij wordt dus consequent als een nationale partij behandeld door de commissie. Het enige probleem is dat de PVDA-PTB geen nationaal nummer krijgt. Dat krijgen alleen partijen die al vertegenwoordigd zijn in het parlement. De PVDA krijgt in Vlaanderen lijstnummer 17; in Brussel en Wallonië lijstnummer 18. Maar ondanks het feit dat de partij verschillende lijstnummers heeft wordt ze wel beschouwd als één partij.

    Het gevolg is dat de partij zich moet houden aan dat uitgavenplafond van één miljoen euro, dat de partij maar één aangifte moet doen om die uitgaven te verantwoorden, én dat de partij maar recht heeft op één keer het forfaitaire basisbedrag van 125.000 euro aan partijfinanciering. En hier komt de aap uit de mouw. Want normaal gezien vullen de politieke partijen dat basisbedrag aan met een bedrag waarbij elke stem die uitgebracht is op hun lijst goed is voor € 3. Ook de stemmen die uiteindelijk niet tot een zetel hebben geleid, worden meegeteld voor de partijfinanciering. Dat geldt voor alle kieskringen. Want de verkozenen van de PTB komen uit de kieskringen Luik en Henegouwen, maar ook de stemmen uitgebracht in Waals-Brabant, Brussel, Waals-Brabant, Luxemburg en Namen tellen dus mee.

    Vanuit die redenering eist de PVDA-PTB nu ook partijfinanciering voor de stemmen die in Vlaanderen zijn uitgebracht, waar de partij voor alle duidelijkheid geen enkele zetel heeft verworven. Het gaat wel om 118.333 stemmen, of om een bedrag van € 353.815 dat de partij dreigt mis te lopen omdat ze op dit moment alleen partijfinanciering krijgt voor haar Franstalige stemmen. Vandaar het pleidooi om erkend te worden als nationale partij.

    Kwadraat

    Het is nu wachten op de beslissing van de heren en dames van de controlecommissie betreffende de verkiezingsuitgaven en de boekhouding van de politieke partijen. Want in het politieke bedrijf worden reglementen en regels over het politieke bedrijf altijd opgesteld door de politici zelf. Vooral wanneer er geld bij komt te kijken. Dat geldt voor hun loon of hun uittredingsvergoedingen, maar dus ook voor de partijfinanciering. Het zijn altijd de politici zelf die beslissen over dit soort regels. De voorzitter van de commissie is in dit geval de Kamervoorzitter zelf, Siegfried Bracke. Spijtig genoeg voor de PVDA-PTB is de partij te klein om vertegenwoordigd te zijn in die commissie, en dus is ze overgeleverd aan de beslissingen van haar concurrenten.

    De leden van de controlecommissie argumenteren nu dat er geen sprake is van dezelfde partij, omdat de PTB bij de verkiezingen in de Franse kieskringen is opgekomen is met een kartellijst onder de naam PTB-Go!. En zo'n kartellijst is niet hetzelfde als de 'gewone' PTB, argumenteren de parlementsleden. Dat is een stevig argument, waar weinig discussie over lijkt te bestaan. Er is dus gewoon geen sprake van een nationale partij.

    En toch overwegen de leden van de controlecommissie om de PVDA-PTB haar partijfinanciering toe te kennen. De PTB vreet in Wallonië aan de machtsbasis van de PS, en is daarmee de belangrijkste concurrent van de Waalse socialistische partij geworden. Wanneer de controlecommissie de PTB haar bijkomende partijfinanciering zou ontzeggen, dan heeft de PTB een argument om te zeggen dat dit een politiek beslissing is, genomen onder invloed van een politieke concurrent.

    Politiek over politieke regels is vaak politiek in het kwadraat. Zeker als het over geld gaat.

    (Ivan De Vadder is Wetstraatwatcher voor VRT-nieuws.)