Cipiers die verdacht worden van mishandeling vrij onder voorwaarden

De drie cipiers van de gevangenis van Vorst, die waren opgepakt omdat ze gedetineerden zouden hebben mishandeld, zijn wel in verdenking gesteld voor slagen en verwondingen.

Het Brusselse parket voerde al enige tijd een gerechtelijk onderzoek naar een groep van een vijftal cipiers. Die doen al enkele jaren dienst in de D-vleugel van de gevangenis en zouden de bijnaam "SS'ers" dragen, een bijnaam die ze zouden hebben verdiend door hun gedrag ten opzichte van de gedetineerden.

De betrokken cipiers zouden er immers een sport van maken om gedetineerden uit te schelden, te vernederen en te provoceren. Zo zouden ze regelmatig een weddenschap organiseren over het aantal gedetineerden dat ze op een bepaalde dag naar een isoleercel zullen brengen. Ook zouden ze regelmatig de elektriciteit in een bepaalde cel uitschakelen om incidenten tussen de gedetineerden uit te lokken.

Het gerechtelijk onderzoek naar de cipiers begon nadat verschillende gedetineerden een klacht hadden ingediend over feiten van zwaar en herhaald geweld. Eind december 2014 werd een onderzoeksrechter gelast om feiten van slagen en verwondingen met voorbedachtheid en met arbeidsongeschiktheid tot gevolg te onderzoeken. Parallel daaraan werden sinds eind december 2014 tot zeer recent verschillende dossiers geopend op het parket.

Gisteren viel het gerecht dan binnen bij drie verdachten -drie mannelijke cipiers- en hield huiszoekingen in hun woningen. Het drietal werd ook opgepakt en voorgeleid bij de onderzoeksrechter. Die stelde hen in verdenking voor slagen en verwondingen met voorbedachten rade en arbeidsongeschiktheid tot gevolg ten opzichte van een kwetsbaar persoon, en stalking. Ze zijn wel vrijgelaten onder voorwaarden.