Extreemrechts bijna dubbel zo dodelijk als jihadstrijders

Sinds de aanslagen van 11 september 2001 zijn in de Verenigde Staten "slechts" 26 mensen om het leven gekomen bij terreuraanslagen door jihadstrijders. In dezelfde periode vielen er bijna dubbel zoveel doden bij aanslagen van extreemrechtse terroristen. Dat blijkt uit cijfers van de linkse Amerikaanse denktank New America.

In september is het 14 jaar geleden dat door Al Qaeda gekaapte vliegtuigen in de torens van het World Trade Center in New York en het Pentagon in Washington DC vlogen. Een vierde vliegtuig stortte neer in de Pennsylvania. Bijna 3.000 mensen kwamen om het leven bij de aanslag. Sindsdien zijn wereldwijd de veiligheidsmaatregelen aanzienlijk verscherpt.

Uit cijfers van de Amerikaanse denktank New America blijkt dat er sinds 2001 in de Verenigde Staten "slechts" 26 mensen om het leven zijn gekomen bij aanslagen die zijn uitgevoerd door jihadstrijders. In dezelfde periode zijn 48 mensen gedood bij aanslagen door extreemrechtse terroristen. Dat is bijna dubbel zoveel. De negen doden die vorige week vielen in Charleston zijn overigens al meegerekend in de cijfers.

Wil dit zeggen dat extreemrechtse terreur onderschat wordt en de dreiging van radicale moslims overschat? Eigenlijk worden beide vormen van terreur overschat. In de statistieken van New America zijn de aanslagen vanuit niet-ideologische overwegingen immers niet meegeteld. Zo vielen er bij een schietpartij in de Sandy Hook school in 2012 alleen al 26 doden.

"Als er een les is die we uit het verleden en uit al deze aanslagen kunnen trekken, is het wel dat extreem geweld in alle soorten en maten voorkomt", zegt John G. Horgan expert terreurbestrijding aan de New York Times. "Soms komt het geweld voort uit plaatsen of milieus waarvan je het het minst zou verwachten."