Een Griekse behandeling voor de banken - Frank Vanaerschot

In Spanje staat wat in de volksmond ‘de eerste voetgangersluchthaven’ wordt genoemd. Twee jaar na de opening werd er nog geen enkel vliegtuig gesignaleerd, wel een 24 meter hoog koperen standbeeld van Carlos Fabra, de voormalige gouverneur van de regio. In Zografou, een buitenwijk van Athene, had de gemeente plannen voor een shoppingcenter. Ze leenden geld voor de aankoop van grond, maar het bleek verboden te zijn op deze grond te bouwen en de lening was illegaal wegens procedurefouten.
opinie
Opinie
Aansturen van de 'opinie' teaser o.a. op de home pagina en 'opinie' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'opinie' overzichtspagina

Het zijn typische voorbeelden van de corruptie en onefficiëntie die met Zuid-Europese landen geassocieerd worden sinds de Eurocrisis. Wat er echter niet bij verteld wordt is dat zulke pareltjes van slecht bestuur onmogelijk het licht zien zonder een bank die het project steunt en financiert. In deze twee gevallen gaat het om Dexia. In het Griekse voorbeeld heeft het IMF de nationale overheid in 2011 bovendien gechanteerd om deze lening aan Dexia terug te betalen, anders zouden de noodleningen aan het land stopgezet worden.

Leningen

Die leningen werden sinds 2010 aan Griekenland, Ierland, Portugal en Spanje gegeven omdat de financiële markten zoveel rente vroegen om hun overheidsschuld te financieren dat de situatie voor deze landen onhoudbaar was. De Europese Commissie, de Europese Centrale Bank en het IMF (Trojka) gaven deze leningen op voorwaarde van een streng besparingsbeleid. Dat beleid was volgens de schuldeisers gelegitimeerd omdat deze landen ‘boven hun stand hadden geleefd’.

In Griekenland heeft deze schoktherapie echter een desastreus effect gehad dat op ontluisterende wijze in Bruno Tersago’s “Groeten uit Griekenland” beschreven wordt: de werkloosheid is sterk gestegen, de economie met een kwart gekrompen, sommige Grieken voeden zich met wat ze s’ avonds in een vuilnisbak aantreffen, en bovenal: de overheidsschuld is verder gestegen onder het regime van de Trojka. Als klap op de vuurpijl blijkt nu dat 90 procent van de zogenaamde reddingsleningen dienden om schuldeisers, voornamelijk banken, terug te betalen en slechts 10 procent naar de werking van de Griekse overheid ging.

Bankenmodel

Banken uit het Noorden van Europa hebben sinds het ontstaan van de Euro tot 2009 honderden miljarden euro geleend aan Zuid-Europese landen. Als die landen economisch zo ongezond waren als financiële markten sinds 2009 beweren, waarom hebben ze er in de jaren voorheen dan zoveel geleend? Hebben banken tien jaar lang hun huiswerk niet gemaakt? Hun rol is geen toeval, maar een gevolg van mechanismen die de sector domineren. Noord-Europese banken werden geprivatiseerd en kwamen door internationale liberalisering van financiële diensten in concurrentie met Amerikaanse grootbanken. Europese banken moesten groeien om bij te benen, maar daar was in eigen land te weinig ruimte voor. Deze banken zochten twee speeltuinen op: complexe financiële producten en excessief leengedrag in Zuid-Europa. Beiden zouden in ons gezicht ontploffen.

Investeringen in financiële producten gelinkt aan Amerikaanse huisleningen brachten heel wat Europese banken op de rand van een faillissement dat enkel voorkomen kon worden door ze met belastinggeld te redden (1600 miljard euro in de Europese Unie). Op het hoogtepunt van de bankencrash – de val van het Amerikaanse Lehman Brothers op 15 september 2008 – werd ook de trigger van de Eurocrisis geactiveerd. Die dag waren banken wanhopig op zoek naar leningen bij andere banken om overeind te blijven, maar ze vertrouwden elkaar niet omdat iedereen vreesde dat andere banken ook failliet zouden gaan.

Voor leningen tussen banken was het de gewoonte overheidsschuld (obligaties) van Eurozonelanden als onderpand te gebruiken. Op 15 september eisten banken echter Duits staatspapier als onderpand om aan andere banken te lenen en weigerden vooral Griekse en Ierse overheidsschuld. Daardoor begon de intrest op overheidsschuld van Zuid-Europese landen te stijgen. Zoals hierboven reeds aangehaald werden ‘reddingsleningen’ toegekend toen in 2010 deze intresten onhoudbaar hoog waren geworden. Nochtans was de rente op overheidsschuld van leden van de Eurozone gelijklopend sinds de start er van tot september 2008.

Dit is dan ook de context die het excessieve leengedrag aan Zuid-Europa stuurde. Banken gebruiken een model om risico’s te wegen. Elke soort investering heeft een bepaald gewicht. Leningen aan kmo’s hebben bijvoorbeeld een hoger risicogewicht dan leningen aan banken of leningen aan overheden die als gezond beschouwd worden (bijvoorbeeld Zuid-Europese lidstaten tot 2009). Uiteindelijk wordt aan alle leningen en financiële producten die een bank bezit een gewicht gehangen en in functie daarvan bepaalt de wet dat een bank daar 8 procent eigen kapitaal moet tegenover zetten.

Systeemfout

Het probleem met dit systeem is dat het te veel vertrouwen heeft in haar eigen capaciteit om risico’s op voorhand te berekenen. En dat maakt veel uit voor de winst van een bank, want hoe minder kapitaal er tegenover de bezittingen van een bank staat, hoe meer winst elk aandeel kan maken. Banken waren tot in 2008-2009 dol op leningen aan banken en ‘gezonde’ overheden: het was de meest winstgevende weg vooruit. Maar als de situatie verandert zoals dit in Europa gebeurde en financiële markten vinden ze ineens niet meer gezond, draait de situatie om en kan de bank heel snel failliet gaan, want ze hebben heel weinig eigen kapitaal om verliezen op te vangen. Kortom: Op een iets langere termijn hebben banken helemaal geen efficiënte investeringen gemaakt waar de maatschappij de vruchten van kan plukken. Wel integendeel.

Politici beloofden in 2008 banken strenger te zullen gaan controleren, maar van die belofte is weinig in huis gekomen. In 2010, toen Griekenland en co aan de leiband werden gelegd, zijn de regels voor kapitaalvereisten op Europees niveau aangepast, maar aan de vrijheid voor banken om risico’s te voorspellen en te wegen naar believen is weinig veranderd.

Logica of ideologie

De Europese beleidsmakers en de Trojka blijven Griekenland echter het mes op de keel zetten. In de plaats van hoognodige zuurstof te voorzien, wringen ze de samenleving verder de nek om. Er zit geen economische logica achter, ze hebben enkel een ideologisch doel: voorkomen dat een ander, mogelijk efficiënter beleid, ademruimte krijgt en inspirerend werkt, beleid dat een donkere schaduw over de gemaakte beleidskeuzes van de huidige Europese politieke elite dreigt te werpen. Als inwoner van een Europese lidstaat die dit allemaal ziet gebeuren, vraag je je misschien af hoe Europa eruit zou zien als we banken even hard aanpakken als Griekenland. Ademruimte voor de samenleving en zeven jaar na de grootste financiële crisis sinds de jaren dertig eindelijk een schokdoctrine voor banken.

(Frank Vanaerschot is inhoudelijk coördinator van Fairfin)

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.