Gitaargeweld Faith No More verzacht Foo Fighters-pijn

Faith No More had de ondankbare taak om de Foo Fighters te vervangen na de beenbreuk van Dave Grohl en is daar vrij goed in geslaagd. "Het is hier plezant, brak Dave maar elke week zijn been", grapt frontman Mike Patton tussen enkele nummers door.

Er is wekenlang veel te doen geweest rond de komst van de Foo Fighters: Eerst was er protest omdat Rock Werchter speciaal een week is vervroegd, daarna ontgoocheling toen frontman Dave Grol zijn been brak in Zweden en verstek moest geven. Na dagen van onzekerheid kwam begin deze week Faith No More uit de bus als vervanger. Een week nadat ze de weide op Graspop hadden platgespeeld, kwamen ze hetzelfde doen op Rock Wechter.

De volledige band komt spierwit gekleed de Main Stage op. Hun instrumenten staan opgesteld in een bloementuin van voornamelijk orchideeën. Frontman Mike Patton laat er geen gras over groeien en steekt onmiddellijk van wal met het nieuwe nummer "Motherfucker". Meteen een schot in de roos. Wat volgt, is een strakke opeenvolging van ouder en nieuw gitaargeweld. Faith No More is in de jaren 80 gesticht, maar is eind jaren 90 gesplitst. Ze zijn nog maar enkele jaren opnieuw bezig. Met uitzondering van hun plaat "Sol Invictus" van dit jaar, hebben ze al decennialang geen nieuw materiaal meer opgenomen. Toch klinkt ook het oudere werk verrassend fris.

Patton kan het niet laten om af en toe naar de Foo Fighters te verwijzen. "Zijn wij een verrassing? Ik hoop een aangename verrassing", zegt hij na een nummer. "We voelen ons een beetje partycrashers. Het is hier wel tof, brak Dave Grohl maar elke dag zijn been", grapt hij wat later. Faith No More brengt een aangename mix van metal, funk en hiphop en spreekt daardoor een vrij breed publiek aan. Het ene nummer is goed voor een moshpit, op het andere wordt gretig gedanst.

Van "Easy" tot "Superhero"

Vrij vroeg in de set is "Epic" een eerste hoogtepunt. Het publiek zingt vlotjes mee: "What is it? It's it! What is it?". Af en toe neemt Patton de microfoon zo diep mee in zijn keel, dat het lijkt dat hij met zijn slokdarm zingt. "Epic" eindigt met een streepje piano en een uitzinnig applaus. "You like that shit?", vraagt Patton aan het publiek. "Tijd voor wat hippie shit." Hij neemt een tamboerijn vast en zet "Black friday" in. De set is voorts doorspekt met humor. Zo komt ook "Surfin' bird" van The Trashmen even piepen.

Een aantal nummers later - net voorbij halverwege - is het tijd voor "Easy", een cover van The Commodores. "Easy" is wel een beetje de vreemde eend in de bijt. Het nummer is voor Faith No More wat "Nothing else matters" voor Metallica is: Het spreekt een breed publiek aan, maar is atypisch voor hun muziek. "Easy" blijkt een mooi rustpunt in de set en wordt door menig festivalganger meegezongen. Hier en daar gaan aanstekers, lichtjes en smartphones de lucht in.

Na "Easy" is het onmiddellijk weer de beurt aan het hardere gitaargeweld met "Separation Anxiety". "I can't let you go, 'cause you're a part of me. Not apart from me", klinkt het. Naar het einde van de set toe begint de aandacht van het publiek wel ietwat te verzwakken en dat is ook Patton niet ontgaan. Hij spreekt het publiek aan en krijgt ze vlot weer op zijn hand met "Matador". De witte pakken en decor zijn ideaal leuke lichteffecten, wat zeker ook bij "Matador" gebeurt. Badend in het bloedrode licht, begint Patton met het eerste liedje dat Faith No More heeft geschreven na de hereniging in 2009.

De gewone set eindigt met een strakke "Superhero" van de recentste plaat. Na de obligate "we zijn weg, we zijn toch niet weg"-show volgen nog enkele bisnummers waaronder "We care a lot". Faith No More kwam, zag en overwon bijna. Een strakke set, dat wel, maar het had net dat ietsje meer mogen zijn.