Lonely The Brave: het mocht ietsje meer zijn

Dag 2 van Rock Werchter is van start gegaan onder een blakende zon. En dus was het zweten in The Barn, waar de Britse band Lonely The Brave mocht openen. Best genietbaar, maar te veel rock van 13 in een dozijn om echt te imponeren.

Lonely The Brave, een Brits vijftal uit Cambridge, wordt wel eens vergeleken met bands als The National en Pearl Jam. Dan is onze interesse snel gewekt. Maar zoals wel vaker gaan de vergelijkingen niet helemaal op.

Lonely The Brave speelt krachtige rock geschoeid op Amerikaanse leest. Met één grote troef: de stem van zanger David Jakes. Zo’n typische diepe, weidse rockstem die met gemak een ganse telt vult. Maar Jakes is wel een atypische frontman in de zin dat hij allesbehalve een publieksmenner is. Hij stelt zich op ver achterin op het podium, bijna naast drummer Gavin Edgeley, zingt met de ogen dicht en kijkt vooral naar de grond of naar de muren links en rechts.

Gitaristen Mark Trotter en Ross Smithwick moeten voor de interactie met het publiek zorgen. Vooral Trotter gaat dat dan weer wel goed af. Hij playbackt de songs mee op expressieve wijze en laat de festivalgangers af en toe weten dat het “fucking amazing” is dat ze zo talrijk zijn gekomen.

Over naar de muziek dan. Lonely The Brave heeft nog maar één album uitgebracht, “The day’s war” en brengt in zijn korte set de highlights daaruit. Songs met stevige drums en beukende gitaren, bijwijlen catchy en meebrulbaar. Bijvoorbeeld “Backroads” en “Trick of the light” zijn fijne nummers. Maar in vergelijking met bands als The National of Local Natives mist het wat reliëf, wat originaliteit.

Met afsluiter “The blue, the green”, dat opbouwt naar een knappe finale, krijgt de band de handen op elkaar in The Barn. Al bij al zeker genietbaar voor een halfuurtje, maar wel zo’n geval van het ene oor in en het andere oor uit.