1 jaar kalifaat: een boze droom? - Rudi Vranckx

Het "Kalifaat" van IS is één jaar oud. Hoe sterk of hoe zwak is het? Is het een blijver of zal het verdwijnen? Rudi Vranckx zoekt het uit.
analyse
Analyse
Aansturen van de 'analyse' teaser o.a. op de home pagina en 'analyse' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'analyse' overzichtspagina

In Frankrijk, alweer, wordt een aanslag op een gasfabriek gepleegd. Bij het hek wordt het hoofd geplaatst van een slachtoffer. In Tunesië worden tientallen toeristen onder vuur genomen. Het aantal slachtoffers stijgt snel. Zelfs in Koeweit-Stad wordt een aanslag gepleegd. In Somalië valt Al Shabaab de Afrikaanse vredesmacht aan, 30 doden. In Kobani worden de Koerden bestookt, meer dan 100 doden.

Het is ramadan, een uitverkoren tijd. En opmerkelijk. Het is bijna een jaar geleden dat IS het kalifaat heeft opgericht.

Toen breaking news, overal ter wereld. Is het toeval dat net nu een reeks aanslagen gepleegd wordt met alle kenmerken van IS, via extreem bijna willekeurig geweld een klimaat van angst creëren? IS heeft vroeger al oproepen gedaan aan extremistische moslimvolgelingen overal ter wereld om toe te slaan, met welke middelen ook, georganiseerd of als ‘lone wolf’.

"Een slang tussen rotsen"

Het kalifaat van de 21e eeuw, een lang gekoesterde droom voor sommige moslims, is vervallen tot religieus fascisme. Voor het Westen is het een boze droom, die duizenden islamitische jongeren weglokt om te strijden en te sterven. De gewelddadige jihad, aan het front in Irak en Syrië, maar ook steeds meer bij ons? Voor bevolkingsgroepen die leven in dit nieuwe kalifaat is dit een nachtmerrie. Getuige de executies en het religieuze schrikbewind.

De kracht van het kalifaat, dat zich nu uitstrekt van Raqqa in Syrië tot Ramadi in Irak, zou tegelijk ook zijn zwakte moeten zijn. Een idee is moeilijker te bestrijden, maar een territorium kan aangevallen worden. Bij Kobani leek dat de ruggengraat van IS gebroken werd. Maar kijk, de voorbije maanden gaat de opmars opnieuw verder via Palmyra tot Ramadi. En ook ver daarbuiten dus blijkt steeds opnieuw.

'We bewegen ons als een slang tussen de rotsen' is de militaire slogan van IS. Maar hoe wordt dit kalifaat bestuurd? Buiten enkele horrorvideo's of strak geregisseerde propagandafilmpjes weten we niets over het leven onder IS. Pas nu beginnen er berichten door te sijpelen over het 'goede werk' van de jihadstaat. Wegen worden hersteld, water en elektriciteit geleverd. In de scholen wordt een nieuw curriculum ingevoerd. Tieners - kinderen zelfs - krijgen een soort jeugdkamp voor toekomstige religieuze strijders. Waarom doet dit me denken aan de Hitlerjeugd?

"Onderdrukte soenni"

Waar het kalifaat neerstrijkt worden banken leeggehaald, de rijkdom weggetaxeerd, bezittingen van andere geloofsgroepen in beslag genomen. Dat is geen economie, dat heet plunderen. Lange tijd was er een gestage stroom inkomsten door olieverkoop, tot de Amerikanen een aparte strategie hebben opgesteld om die stroom te stoppen. Cultureel erfgoed - wonderen van de mensheid - wordt massaal weggehakt, opgedolven en over de grens gesmokkeld. Hoelang kan een terreurleger een regio laten leegbloeden? Het antwoord is eenvoudig: zolang er geen levensvatbaar alternatief is. Getuige daarvan de toestand in Irak waar de soennitische minderheid zo mogelijk nog meer bevreesd is voor de sjiitische milities. Hun schrikbewind is al even erg als dat van de jihadi's.

Het kalifaat blijft gedijen op de breuklijn tussen sjia en soenni. Sinds enkele jaren en in toenemende mate is er een Arabische wereldoorlog bezig tussen soennieten en sjiieten. Het doel van IS: de kampioen-voorvechter worden van alle 'onderdrukte' soenni in de Arabische wereld.

Totale oorlog?

Maar het kalifaat is uiteraard niet alleen een territorium, het blijft evenzeer een krachtig idee. Het zuigt ook de kracht van Al Qaeda leeg. Door zich tot de sterkste, meest succesvolle, zeg maar wreedste van de jihadbewegingen te kronen, kunnen ze strijders en middelen naar zich toe zuigen. 'Vroeg of laat moeten we praten met IS, we moeten de realiteit onder ogen zien.' Dat hoor ik steeds vaker. Sommige analisten vinden dit een redelijke politiek op termijn. Het kalifaat zal niet verdwijnen, gaat de redenering. Maar hoe kan je praten met leiders van een systeem dat zich heeft laten kennen door de meest brutale schendingen van de mensenrechten? Willekeurige slachtpartijen? De brandstof van hun systeem is een vorm van religieus fascisme. Daar valt niet mee te onderhandelen.

De enige oplossing lijkt een totale oorlog, economisch, militair en uiteindelijk vooral ideologisch. Met dit soort religieus fascisme is geen vergelijk of samenleven mogelijk. Het is een strijd van lange adem en een taak voor iedereen. Voor het Westen, dat die puinhoop mee gecreëerd heeft, door de verkeerde oorlogen te voeren en een dubbele moraal te hanteren in de internationale politiek.

Xenofobe politiek

Datzelfde Westen heeft bovendien, door falende integratiepolitiek, tienduizenden diep gefrustreerde moslims in de armen van het extremisme laten drijven.

De oplossing moet ook komen van de plaatselijke regimes die vaak een dubbelzinnige politiek voeren. Zonder druk op het Iraaks regime dat de soenni-bevolking verdrukt, of op Saudi-Arabië, de sponsors van extreme islam wereldwijd, zal dit monster niet bedwongen worden. Met Assad is er geen nieuw Syrië mogelijk en zal Raqqa het zwarte gat van de jihad blijven. Oude dictators, conservatieve oliesjeiks of nieuwe potentaten zullen het Midden-Oosten niet uit het moeras trekken. De overgrote meerderheid van de moslims zijn niet bedwelmd door dit kalifaat en zijn religieus fascisme. Laten ook wij hen dan niet verder afstoten of jongeren in hun armen drijven door een xenofobe politiek.

Democratie

Met de ‘Arabische lente’ leek een nieuwe tijd in aantocht. Nu klinkt overal het tegenovergestelde: wie droomt van democratie wordt weggezet als naïef. Toch ligt daar het enige echte tegengif voor het virus van de gewelddadige jihad. Het Arabisch ontwaken dat zich generatie na generatie moet verspreiden in een open maatschappelijk weefsel, als tegenpool van het religieuze fascisme van het Kalifaat.

Daarom is er geen heil te zoeken in het opnieuw opvrijen van de dictaturen. De anderen, ginder ver weg, of 'de islam' alle schuld geven is het probleem ook niet oplossen maar erger maken. Want het Kalifaat bestaat, willens nillens. En als het territorium onder een bommenregen of door een dictator verdwijnt, is de boze droom niet weggevaagd. Want zoals opnieuw blijkt, dan zijn er nog steeds die ‘lone wolfs’ die aanslagen kunnen plegen.

Rudi Vranckx is conflictjournalist bij de VRT.