Leuven wil traject 12e-eeuwse stadsomwalling aanduiden in straatbeeld

Het Leuvense stadsbestuur wil het traject van de eerste stadsomwalling, die in de periode 1156-1165 opgetrokken werd, herkenbaar gaan aanduiden in het straatbeeld. Het heeft daarom een offerte uitgeschreven voor de opmaak van een creatief en vernieuwend grafisch element of symbool dat hiertoe kan aangebracht worden op het openbaar domein. Dirk Vansina (CD&V), schepen van Onroerend Erfgoed, hoopt dat het project over een tweetal jaren gerealiseerd kan worden.

Bedoeling van dit initiatief is volgens Vansina de Leuvenaar en de toerist duidelijk te maken vanuit welke 12e-eeuwse kern de stad gegroeid is. Deze structuur is volgens Vansina immers zeer belangrijk voor het begrijpen van de stadsgeschiedenis en -ontwikkeling. De stadsomwalling en haar poortstraten vormen immers de basisstructuur van het historische stadsweefsel van Leuven. Alle latere ontwikkelingen zijn hierop geënt. Omdat de ruimtelijke samenhang tussen de restanten verloren ging, is de leesbaarheid van de stad, haar geschiedenis en ontwikkeling onduidelijk geworden.

De min of meer cirkelvormige muurgordel met de Sint-Pieterskerk als middelpunt was 2,7 kilometer lang en telde in totaal 31 op regelmatige afstand geplaatste waltorens voor de verdediging van de stad. Ter hoogte van de belangrijkste invalswegen was de omwalling onderbroken door 11 stenen poorten. Op de plaats waar de Dijle binnenstroomde en haar weer verliet waren 2 waterpoorten gebouwd. Van deze omwalling zijn nog op een 10-tal plaatsen in de stad overblijfselen. Sommige restanten, zoals deze langs de Brusselsestraat en het Handbooghof, verkeren echter in zeer slechte staat.