Bourgeois over gekibbel: "Dit is verwerpelijk"

Vlaams minister-president Geert Bourgeois (N-VA) roept de meerderheidspartijen binnen zijn regering op om te stoppen met het gekibbel en het lekken van informatie op hoog niveau. "Dit is een boodschap aan iedereen die zich deloyaal opstelt", zei hij in "De ochtend".

De Vlaamse begroting was de voorbije dagen het zoveelste dossier waarin de meerderheidspartijen bijwijlen al vechtend over straat rolden. Deze keer schoten Open VLD en de N-VA met scherp op elkaar.

Het was niet de eerste keer dat de Vlaamse regering in een kibbelkabinet veranderde, voor Vlaams minister-president Geert Bourgeois mag het wel de laatste keer zijn. Vooral de toon in het parlement is hem een doorn in het oog. "Ik begrijp niet dat men op zo'n manier in het parlement doorgaat. Ik heb duidelijk opgeroepen om dat niet meer te doen."

Deloyaal

Bourgeois vindt het "bijzonder jammer" dat het werk dat de regering verzet door het interne gekibbel overschaduwd wordt. "Ik zie dat er nu ook op hoog niveau lekken ontstaan en dat zint me absoluut niet, op het moment dat we naar buiten kunnen treden met goede resultaten en een begroting die we in orde gebracht hebben."

"Dat zoiets niet blijft hangen, daar draagt iedereen zijn verantwoordelijkheid voor. Dit is verwerpelijk, wie op die manier omgaat met het algemeen belang en dit signaal geeft aan mensen, moet daar zelf de verantwoordelijkheid voor dragen."

Geldt dat ook als een vingerwijzing naar zijn eigen partijleden? "Dit is een boodschap aan iedereen in elke partij die deloyaal bezig is, ook aan ministers. Mensen moeten een minimum aan loyaliteit opbrengen ten opzichte van de regering. We hebben mooie dingen gerealiseerd en ik zal dus niet dulden dat dit kapotgemaakt wordt. Er moet orde op zaken gezet worden. De toon in het parlement moet anders."

"De mensen nemen dit niet"

Bourgeois doet naar eigen zeggen "het nodige" om de rust te doen weerkeren, maar of hij bepaalde ministers op het matje geroepen heeft, wil hij niet met zoveel woorden zeggen. "Ik confronteer iedereen met zijn of haar verantwoordelijkheid. Want zo kan het niet verder. Vier jaar lang zo bezig zijn, dat gaan de mensen niet nemen. Ik doe dan ook een oproep aan iedereen om daarmee op te houden."