Wring de kermis niet de nek om! - Michel Follet

De komende dagen trekt de kermiskaravaan van Antwerpen (Sinksenfoor) naar Brussel (Zuidkermis). Deze twee grote volksfeesten – goed voor bijna drie maanden van het kermisseizoen – bepalen of enkele honderden foorfamilies het jaar met winst afsluiten. Na alle heibel in Antwerpen, lijkt niets het kermisplezier in Brussel in de weg te staan. Maar hoelang nog? Steeds meer Belgische steden zijn kermis in het centrum liever kwijt dan rijk. Volksvermaak heeft een besmeurd imago.
labels
Opinie
Aansturen van de 'opinie' teaser o.a. op de home pagina en 'opinie' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'opinie' overzichtspagina

De trieste balans

De balans van de Sinksenfoor ‘nieuwe stijl’ is snel gemaakt. Twee extra weken op de noodgedwongen locatie (op Park Spoor Oost) en twee weekends met verlengde openingsuren: het kon het tij in extremis niet keren. De Antwerpenaar vond, na een behoorlijk start tijdens het Pinksterweekend, de weg amper naar het desolate feestterrein.

De Sinksenfoor kon niet mee profiteren van evenementen als de Reuzen eind juni of de Tour de France in het eerste weekend van juli. Daarvoor ligt Park Spoor Oost té ver van de activiteiten die nog wél worden toegelaten in hartje stad. Door deze nieuwe locatie werd de Sinksenfoor nog meer gemarginaliseerd. De jongste jaren wordt kermis veel te vaak afgespiegeld als ‘l’amusement des pauvres’. Verstoten door bewoners van een dure loft of uitbaters van een hippe loungebar.

Rond Park Spoor niets van dat alles. Wel goedkope supermarkten, koophallen en als referentiepunt het Sportpaleis. De bezoeker moest zich een weg banen tussen 2 benzinestations via een hobbelige en zanderige kiezelweg van enkele honderden meters die werd geflankeerd door verroeste dranghekkens in plaats van feeërieke kermiskramen. Een bordje ‘fietsstalling’ schiep duidelijkheid over de bedoeling ervan.

"Tiny op de kermis"

De kille welkomstpoort was een poging om het feestterrein pretpark/festivalallures te geven. Dat staat anno 2015 nu eenmaal chiquer. Het nieuwe logo van de Sinksenfoor – een soort kleurrijke cirkelzaag – zat in de zijflanken verwerkt. Enkele weken voor de start hing het best mooie, maar nietszeggende ontwerp in gigantische afmetingen in de buurt van alle belangrijke verkeersaders. Géén kind dat zo geattendeerd werd op de komst van de kermis en het uitschreeuwde ‘daar wil naartoe’. Zoals circussen moeten uitpakken met clichés als clowns en jongleurs om hun aanwezigheid in het straatbeeld aan te kondigen, zo moet de kermis het hebben van het houten hobbelpaard, het reuzenrad, de suikerspin. Kortom: ouderwetse vrolijkheid.

Tot enkele jaren geleden had Antwerpen de perfecte affiche – recht uit het ‘Tiny op de kermis’ meisjesboek – maar dat vond de marketingafdeling wellicht achterhaald. De huidige affiche leek eerder een kunstenfestival aan te prijzen. Het ingehuurde reclamebedrijf vergat de doelgroep in het achterhoofd te houden. Zeker omdat uitgerekend dit jaar de mensen gegidst moesten worden naar het nieuwe plein, lieten enkele kermisbonden een traditionele (lees: tijdloze) affiche aanmaken, met kermispaard en een blij meisje. Dat vond de stad maar niets. Wie de poster ophing in zijn kraam, kreeg prompt een gasboete.

Niets dan verliezers

Eerlijk is eerlijk: de Sinksenfoor was keurig en zelfs hier en daar verrassend opgesteld. Ze leed wel aan grootheidswaanzin met de brede lanen (zoals de Oktoberfeste in München), waardoor het aanbod nog groter oogde dan anders maar inboette aan gezelligheid. Vroeger kwamen er duizenden Nederlanders op zondag afgezakt naar de Sinksenfoor, na hun bezoek aan de Vogelmarkt. Die vonden dit jaar de weg niet. Net als alle dagjestoeristen die de kermis steevast als een onderdeeltje van hun bezoek aan Antwerpen planden. De verhuis maakte ook slachtoffers bij de winkeliers in de buurt van het Zuid, tot in de Nationalestraat toe. Als kermismensen geld verdienen, geven ze dat graag weer uit.

Ik sprak met de exploitant van een gerenommeerd gebakkraam van de Sinksenfoor. Hij had op een maandagavond rond 20u00 exact 25 Euro ontvangen. Dat bedrag ontvangt een forain met een spelkraam op een dorpskermis tijdens een weekdag. Maar daar ligt het pachtgeld een pak lager. Iedereen mocht dit jaar staan voor de helft van de normale pachtprijs – een fraaie geste van de stad – maar als ze volgend jaar weer de volle prijs betalen, is het zeer de vraag wie het nog aandurft. En vooral: aankan. Met bijna de helft minder inkomsten is zo goed als iedereen het erover eens: deze nieuwe locatie heeft geen enkele potentieel.

Volgend jaar terugkeren naar Antwerpen is financiële zelfmoord. De kans dat de Sinksenfoor in 2016 in een flink afgeslankte versie draait op Park Spoor Oost is daarom erg reëel.
 

De klanten zijn de kermis nog niet beu

En niet alleen in Antwerpen wordt de toekomst van het reizend volksvermaak bedreigd.
Heel wat steden hebben andere plannen, toevallig met de plek waar nu de kermis staat. In Brussel – voor 75% van de Sinksenfoorhabitués de volgende halte – kopen immobiliënkantoren de woningen op aan de overkant van de kermis. De pittoreske terrasjes verdwijnen één voor één want er moeten luxeflats en lofts komen. En zodra die bewoond zijn, is een herhaling van het Antwerpse scenario een evidentie.

In Kortrijk werd het vast contract van alle kermismensen opgezegd. De Paasfoor moet tegen volgend jaar worden gehalveerd. In Luik waar de Oktoberfoor in een lang lint het hart van de stad nog mag doorkruisen, is er sprake van een verhuis omdat er een trambedding zal komen. In Namen wordt er bijgebouwd op het plein waar een groot deel van de zomerfoor (telkens in juli) staat, in Moeskroen komt een ondergrondse parkeergarage en in talloze dorpen en steden worden de volgende jaren pleintjes heraangelegd, met fonteintjes, bomen en standbeelden, waardoor de kermis liefst zo ver weg van de kerktoren wordt opgesteld.

Vreemd toch, voor een nobel beroep dat vorig jaar nog aan de lijst van cultureel erfgoed werd toegevoegd. Want als alle factoren meezitten – de juiste locatie, ruime parkeergelegenheid, aanvaardbaar weer - kan je op de meeste kermissen over de koppen lopen tijdens weekend- en vakantiedagen. De klanten zijn de kermis nog lang niet beu.

Zoeken naar uitwijkmogelijkheden

Op aanbeveling van Sven Gatz, is ook circus sinds kort bezig aan een inhaalmanoeuvre, maar ondertussen zijn bijna alle kleine circusgezelschappen gebonden aan zoveel regels en wetten dat ze al jaren amper overleven. Het beroemde familiecircus Rose-Marie Malter moest zelfs vorig jaar noodgedwongen het faillissement aanvragen. In weinig grote steden is het circus nog welkom. Of het moet Cirque du Soleil zijn. Dat gasteert en wordt niet beschouwd als volksvermaak maar als cultuur.

Ook voor kermis verzinnen stadsbesturen de gekste reglementen. In een Waalse stad is het verboden te lezen in krant, boek of tablet. De exploitant moet altijd oogcontact houden met de klant. In een andere stad is een korte broek voor mannen verboden. Een zomerkermis nog wel. Exploitanten hebben nergens rechten, alleen plichten. Bij tombola’s voor een goed doel leggen ze graag bij, bij de ‘dag van de mindervaliden’ mag iedereen gratis op de attracties. Dan tonen de kermismensen keer op keer hun gul hart. Gemeentebesturen schrappen, verhuizen of halveren zonder hun medeweten kermissen. Precies omdat ze al jaren geen enkele zekerheid meer, gaan veel exploitanten op zoek naar uitwijkmogelijkheden.

Gelukkig kunnen een aantal het winterseizoen overbruggen op de talloze kerstmarkten. Al pakken de organisatoren graag meer en meer uit met exclusieve kermisattracties die ze liefst op een ander halen. Gent sloot een deal met een Brits reuzenrad en een helter skelter, Leuven bestelt een handvol retro-attracties bij een Nederlands kermisbedrijf.

Op Graspop kunnen heavy metalfans tussen twee optredens door gaan botsen op de autoscooter. De exploitant heeft zijn zaak zelfs omgedoopt tot Graveyard. Op het zeildoek niet langer de godin van Guido Belcanto, Françoise Hardy, maar grafzerken en doodshoofden.

Op Tomorrowland kunnen dansfans het feest beleven vanuit een reuzenrad. In Antwerpen staat er bijna vier maanden op het jaar een reuzenrad. Tijdens de kerstperiode aan het steen, 6 weken tijdens de Sinksenfoor en net voor de Sinksenfoor kon je nog rondjes draaien in het Diamond Wheel aan het Centraal Station. Dat banaliseert op den duur deze (vroeger unieke) attractie.
 

Ook in het buitenland

De teloorgang van het volksvermaak laat zich ook voelen in de andere landen. Eind juni was er in Den Haag een vredige optocht om te protesteren tegen de BTW verhoging van 6 naar 21% voor kermis- & circusstielen. Rouen heeft na de Foire du Thrône de tweede grootste kermis van Frankrijk. Na jaren in hartje stad te hebben gelogeerd, had het 300 attracties tellende feestdorp een vaste stek langs het water, maar ook daar moet ze nu opkrassen. De exploitanten houden het been stijf en willen niet wijken. Komt het niet tot een compromis, moet Rouen het dit jaar stellen zonder kermis. En dat brengt de stad in problemen, want de kermis is een melkkoe. De stad eindigt mogelijk zelf in de rode cijfers als ze de riante pachtgelden van de exploitanten niet incasseert. Zelfde verhaal in Troyes, Toulouse en Valenciennes.

Laat kermis weer ten volle kermis zijn. Er zijn dorpen en steden die bewijzen dat het kan. Dorpen en steden waar de kermis écht welkom is. Van Berlaar-Heikant (net bezig tot 15 juli) tot Turnhout (van 7 tot 23 augustus). Daar worden kermisexploitanten zelfs elk jaar bij het oprijden van het plein (rond de kerktoren!) opgewacht door toeterende fanfares. Vooral in Waalse dorpen waan ik me vaak in een eigentijdse versie van Jour de Fête van Jacques Tati. Kermis is en blijft volksvermaak. Schaam je niet om als stads – of gemeentebestuur tussen de attracties enkele hoge palen met vlaggetjes en lampjes te hangen. Een hoog ‘Tiny op de kermis’ gehalte: precies daar zijn de bezoekers naar op zoek. Maak er vooral geen evenementenplein met een hip logo, maar zonder ziel van. Dat heeft Antwerpen hopelijk nu wel begrepen.

(Michel Follet is radiomaker, filmkenner en liefhebber van de kermis.)

 

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.