Fitnessindustrie voert strijd tegen doping op met charter

De Vlaamse overheid en verschillende vertegenwoordigers van de fitnessindustrie hebben een antidopingcharter gelanceerd. Het aantal dopinggevallen in fitnesscentra is al jaren onrustwekkend hoog en aangezien het vaak om anabole steroïden gaat, houdt dat een groot gevaar in voor de fysieke en psychische gezondheid van de betrokken sporters.
McPHOTO / WIDMANN

Fitnessclubs die het charter ondertekenen, engageren zich niet alleen om hun medewerkers en leden te sensibiliseren, maar ook om spontaan mee te werken en aanwezigheidslijsten over te maken bij controles en zelfs de officiële instanties te verwittigen bij eigen vaststellingen of vermoedens van dopingpraktijken.

Het antidopingcharter voor de fitnessindustrie werd in Edegem gelanceerd in aanwezigheid van Vlaams minister van Sport Philippe Muyters. De lokale welnessclub Fitopia kreeg de eer om het document als eerste te ondertekenen.

"Dit antidopingcharter is het resultaat van de samenwerking tussen Fitness.be, het Fitness Netwerk en NADO Vlaanderen", legt Muyters uit. "De sector neemt hier zelf verantwoordelijkheid en komt zo tot een breed gedragen charter met duidelijke engagementen, waardoor sporters weten welke clubs hun gezondheid en veiligheid op de eerste plaats zetten."

Controles in de fitnessindustrie gebeuren erg gericht en dus voornamelijk in centra waarvan al vermoed wordt dat er doping gebruik wordt. Dat het percentage betrapten dan vrij hoog ligt, mag niet verrassen. De voorbije jaren waren de resultaten echter ronduit verontrustend. Het voorlopige dieptepunt werd vorig jaar bereikt, met maar liefst 37,7 procent van de geteste sporters die doping hadden gebruikt.

"Het zou jammer zijn als de fitnesssector daardoor onterecht vereenzelvigd wordt met dopingmisbruik", zegt Eric Vandenabeele, directeur van Fitness.be. "De fitnessclubs en -beoefenaars die het goed menen, verdienen erkenning. De fitnessindustrie slaagt erin om in Vlaanderen meer dan 450.000 mensen in beweging te brengen."