Prehistorisch zoogdier met bloedrode tanden uit het land van Dracula

Een paleontoloog van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen (KBIN) heeft in Transsylvanië (Roemenië) een bijna volledige fossiele schedel ontdekt van een primitief zoogdier dat witte tanden had met bloedrode vlekken in het glazuur. Het dier leefde 70 miljoen jaar geleden samen met primitieve dwergdinosauriërs in Roemenië, dat destijds een lappendeken van eilandjes was.

De schedel met bijna volledige boven-, onderkaak en tanden is het meest complete zoogdierenfossiel uit het laat-krijt in Europa. Het zoogdier heet Barbatodon transylvanicus of "de tand van Barbat van Transsylvanië". Het is het oudste fossiele zoogdier met ijzer in het gebit en het is dat ijzer dat de snijtanden en kiezen de rode kleur gaf.

De Barbatodon transylvanicus werd voor het eerst in 2004 opgegraven in het Roemeense dorp Pui. Er werd toen echter maar een kies van gevonden en er was discussie over om welke tand het ging, en tot welke groep het behoorde. Het dier kreeg zelfs verschillende namen. Later werd er nog een deel van een skelet gevonden en werd het duidelijk dat Barbatodon transylvanicus wel degelijk een Multituberculaat was, een groep van primitieve zoogdieren die de dinosaurussen zo'n 30 miljoen jaar overleefd hebben.

En nu is dus een vrij volledige schedel gevonden, op zo'n 200 kilometer van het middeleeuwse kasteel van Vlad Dracula. Het dier had echter niets gemeen met het romanpersonage Dracula, want het lustte helemaal geen bloed. "Het zoogdier leek op een knaagdier, had lange snijtanden, en at erg hard voedsel, zoals granen", zegt paleontoloog Thierry Smith (KBIN).

Uit analyses blijkt dat het rode tandglazuur voor 6,88 procent uit ijzer bestaat. "Het ijzer beschermt beter tegen slijtage. Heel belangrijk voor het dier, want het kreeg geen nieuwe tanden", zegt Smith. Enkele knaagdieren en spitsmuizen hebben vandaag nog steeds ijzer in hun tanden.

Zuidelijk Europa was in het laat-krijt een lappendeken van eilandjes. Op het Hateg-eiland in de Karpaten leefden 70 miljoen jaar geleden naast de primitieve Barbatodon ook primitieve dwergdinosauriërs. "Eilanden zijn vaak vluchtoorden voor primitieve soorten", zegt Smith. "Daar kunnen ze het langer uitzingen dan op het vasteland en vaak leidt natuurlijke selectie op eilanden tot kleinere soorten. Denk maar aan de Floresmens in Indonesië of dwergolifanten op Sicilië."

De vondst van Thierry Smith en zijn Roemeense collega Vlad Codrea staat beschreven in het open online vaktijdschrift PLOS ONE.