De bescheiden comeback van links in Amerika - Björn Soenens

Bernie Sanders. Tot voor kort nobele onbekende. Nu de rijzende ster op links in de Verenigde Staten. Sanders is 73 jaar en is kandidaat voor de Democratische nominatie bij de presidentsverkiezingen. Hij doet zalen vollopen, zijn boodschap slaat aan, en hij doet Hillary zweten, dwingt haar linkser te zijn dan ze van nature is of wil. Is links weer springlevend in de USA? Bestaat links eigenlijk wel in Amerika?
analyse
Analyse
Aansturen van de 'analyse' teaser o.a. op de home pagina en 'analyse' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'analyse' overzichtspagina
© VRT - Joost Joossen

Je eigen hemel op aarde

Het is eigenlijk nooit wat geworden met het socialisme in de VS. Amerika kent geen links van betekenis omdat er, anders dan bij ons in Europa, geen overgeërfde, diepgewortelde klassensamenleving bestaat. In Europa kenden we heel lang aristocratische maatschappijen die in de 19de eeuw wel een arbeidersklasse en een middenklasse voortbrachten, maar waar de kans op opwaartse sociale mobiliteit heel beperkt was.

De kolonisten die naar Amerika verhuisden, lieten het klassenonderscheid in Europa achter. Je kon je gewoon ergens vestigen, een boerderij beginnen of een zaak opzetten, en in één generatie rijk worden. Het is een erg Amerikaans, zelfs protestants idee: als je rijk bent, heb je dat aan jezelf te danken. En omgekeerd: armoede is je eigen schuld. Je moet je eigen hemel op aarde verdienen. Daar is geen weg naast?

Gunsten & cliëntelisme

Voor de meeste Amerikanen geldt dus dat het van je eigen inspanningen afhangt of je in het leven vooruitkomt of niet. Dààrom heeft Amerika nooit echt een socialistische arbeidersbeweging gekend, of een socialistische partij van enige betekenis. Eén van de verklaringen is ook dat veel Amerikaanse arbeiders in de 19de eeuw op etnische gronden werden gerekruteerd door de lokale Democratische partijcenakels. Lokale partijafdelingen deelden gunsten en cadeaus uit aan Ieren, Italianen, of andere immigranten in ruil voor hun stem. Die partijmachinerie met zijn vriendjespolitiek verhinderde dus dat mensen zich aansloten bij ideologisch linkse politieke partijen. Je was een Democraat, geen socialist. Socialisme werd overigens beschouwd als heel on-Amerikaans, en werd geassocieerd met de goddeloze bolsjewieken uit Rusland. Wie sympathie uitte voor de roden werd het land uitgezet of vervolgd, ook later, in de jaren ’50, met de heksenjacht op communisten in het Congres, onder leiding van de omstreden senator McCarthy.

De woelige jaren zestig

Links is dus altijd wat marginaal geweest in de VS. Ja, je had ooit William Jennings Bryan, kandidaat voor de Democraten bij het presidentschap van 1896,1900 en 1908. Bryan trok – niet geheel onsuccesvol – van leer tegen grote bedrijven en grote banken. Maar president werd hij er niet mee. Te radicaal, te links. Ja, ooit was zanger Woody Guthrie (“This Land is Your Land’) een symbool van de arbeidersstrijd in de VS. Ooit waren de vakbonden zeer machtig, zo machtig dat de arbeidersklasse al snel een middenklasse werd, met de bijhorende mentaliteit, één keer de twee auto’s voor de garage stonden. Zo verkruimelde ook de macht van de bonden. Nog geen tien procent van de Amerikaanse werknemers is nog lid.

In de woelige jaren 60 leek links een échte factor van betekenis in het Amerikaanse politieke leven. De sixties waren zo ongeveer de radicaalste jaren in de geschiedenis van de VS. Onderdrukte groepen en minderheden – zwarten, indianen, vrouwen, arbeiders en homo’s – vochten voor gelijke rechten en sociale verandering. De turbulentie en onrust ebden weg in de jaren 80 bij het begin van de Reagantijd, een tijd van liberalisering en deregulering. In september 2008 barstte de bubble en implodeerde het Amerikaanse kapitalisme. Talloos veel Amerikanen voelden zich bedrogen door wat ze aanvoelden als oplichting en banditisme van de bankwereld. 14 miljoen Amerikanen werden uit hun huis gezet, en verloren hun spaargeld.

De zwakke plekken van het systeem

En toch bleef de massaal georganiseerde boosheid uit. Occupy Wall Street werd weggezet als een beweging van anarchisten en linkse fanatici. Maar de kiem voor een nieuwe linkse golf was gelegd. Want de problemen die tot de crisis leidden zijn blijven voort etteren. De zwakke plekken van het Amerikaanse systeem liggen bloot. De 400 rijkste Amerikanen bezitten bijvoorbeeld evenveel als de 150 miljoen armste. Een statistiek om over na te denken. Links wordt wakker in Amerika. Regels en voorschriften die consumenten beschermden tegen bankencrisissen werden vanaf de jaren 80 stapsgewijs ontmanteld. Door de globalisering verloren heel veel laaggeschoolde Amerikanen hun baan. De middenklasse smolt weg. De kloof tussen arm en rijk in de VS is nooit groter geweest. Tientallen miljoenen Amerikanen leven nog altijd zonder ziekteverzekering, of leven in de goorste armoede van voedselbonnen. Kiemen voor het linkse ontwaken in de VS.

Opnieuw springlevend

Zo komt het dus dat de linkervleugel van de Democratische Partij weer springlevend is geworden. Er wordt weer openlijk gepleit tegen de grote banken, de bonuscultuur, de grote multinationals en de louche lobbyisten. In speeches van Elizabeth Warren – géén kandidaat voor het presidentschap maar wel senator en lieveling van links – hoor je Amerika weer beschrijven als een land waar de rijken rijker worden en de rest geen schijn van kans maakt. Zelfs gereputeerde economen zoals de Nobelprijswinnaars Paul Krugman en Joseph E. Stiglitz trekken ten strijde tegen de schrijnende ongelijkheid in hun land. The Great Divide noemt Stiglitz het in zijn recentste boek.

Links Amerika mobiliseert zich weer. Bernard ‘Bernie’ Sanders (73), de senator uit Vermont, maakt allicht geen kans tegen Hillary Clinton (68) voor de Democratische nominatie, maar er wordt wel massaal naar Sanders geluisterd, en er komt veel volk naar zijn verkiezingsmeetings. Hij kan het Hillary nog erg lastig maken. Progressieve Amerikanen durven zich weer ‘liberals’ noemen, terwijl dat tot voor kort een scheldwoord was. Zelfs miljardairs als Warren Buffett doen mee: “Waarom betaal ik minder belasting dan mijn secretaresse?"

Pleiten voor meer overheid

Openlijk durven Sanders en zijn aanhangers zeggen dat de banken hervormingen blokkeren en de overheid dwarsbomen. Sanders wijst op hoe Amerika soms werkt. “Een tiener wordt met een paar gram wiet opgepakt en draait de gevangenis in, maar als een grote bank drugsgeld witwast, wordt niemand gearresteerd.”, hoor je op zijn meetings zeggen. De Democraten pleiten weer openlijk voor een belangrijke overheid die investeert in bruggen en wegen en onderwijs. Want, zeggen ze, Google en Apple hebben de overheid nodig (gehad) om zo groot te kunnen worden. Internet was een uitvinding gesponsord door de overheid. Om iPhones te exporteren heb je goede wegen en havens nodig. Om nerds in je bedrijf aan te nemen, heb je topuniversiteiten nodig en voor een veilige samenleving goede politie en brandweer.

Democraten die bereid zijn Wall Street aan te pakken met stevige regels, en zich niet laten inpakken door campagnegiften uit het bedrijfsleven, zijn electoraal weer aantrekkelijk. Zo’n klimaat heerst nu bij de Democraten in de VS. Ook president Obama springt mee op de kar. Het nieuwe links beperkt zich niet tot het oosten van de VS. Het zit niet alleen in linksige hippiestaatjes als Vermont (de thuisbasis van Bernie Sanders en van de alternatieve ijsjes van Ben and Jerry’s). In héél Amerika schuift de Democratische kiezer op van het centrum naar links, wijzen recente opiniepeilingen uit. Het is de schuld van de lange crisis die in 2007 begon. Veel Amerikanen hebben hun geloof in de Amerikaanse Droom verloren. De angst om economisch af te glijden en nooit meer de top te bereiken is reëel.

Geen linkse president

De comeback van links betekent geenszins dat de volgende president links zal zijn. Het betekent wél dat de campagne pittig zal zijn. Intussen voltrekt zich in de VS in stilte een culturele revolutie: marihuana wordt in almaar meer plekken gelegaliseerd, het homohuwelijk is door het Hooggerechtshof goedgekeurd, de kerken van het zo religieuze Amerika lopen langzaam leeg, de gevangenissen worden minder volgepropt, en de bevolking verkleurt in snel tempo. De latino’s zijn intussen al met 55 miljoen, bijna een vijfde van de Amerikaanse bevolking. Linkse politieke vernieuwers - zoals Bill de Blasio in New York City - raken ook effectief verkozen. Schuift Amerika écht op naar links? Of haalt het rechtse Amerika het (minder overheid, minder immigratie, minder sociale voorzieningen)? Eén ding is zeker: de strijd in 2016 zal ergens over gààn. De keuze tussen twee Amerika’s.

(Björn Soenens is hoofdredacteur van Het Journaal en Amerikawatcher.)