Behoefte aan sociale woningen veel groter dan aanbod

De socialehuisvestingsmaatschappijen in Vlaanderen hebben de voorbije vijf jaar 502 hectare -de oppervlakte van duizend voetbalvelden- aan bouwgrond voor sociale woningen gekocht. "Maar de behoefte is veel groter", zegt de Vereniging van Vlaamse Huisvestingsmaatschappijen in Het Laatste Nieuws en De Morgen. Het probleem is dat ook hun inkomsten onder druk staan.

Op dit moment telt Vlaanderen 150.000 sociale huurwoningen en 10 à 15.000 koopwoningen. Tegen 2025 moeten er ongeveer 60.000 sociale woningen bijkomen: 40.000 huurwoningen en 20.000 koopwoningen, zo is in 2009 door de Vlaamse regering vastgelegd.

De voorbije vijf jaar kochten de socialehuisvestingsmaatschappijen 502 hectare aan bouwgrond, blijkt uit cijfers van Vlaams minister van Wonen Liesbeth Homans (N-VA). Daar kunnen 12.500 sociale woningen worden gebouwd, berekent Björn Mallants, directeur van de Vereniging van Vlaamse Huisvestingsmaatschappijen. Ruim onvoldoende dus om aan de vraag te voldoen. Op dit ogenblik staan 80.000 gezinnen op de wachtlijst en de reële behoefte zou nog groter zijn.

Hoge nood, dalende inkomsten

Maar de huisvestingsmaatschappijen zitten financieel op hun tandvlees. "Het grootste probleem waar wij nu mee geconfronteerd worden is dat onze huurinkomsten -waarvan wij afhankelijk zijn- een beetje onder de verwachtingen blijven", aldus Mallants.

Hij verwijst naar de lage inflatie. "De voorziene inflatie is niet wat we een paar jaar geleden gedacht hadden. Wij gingen uit van een inflatie van twee procent per jaar en dat is toch al een aantal jaren niet echt een realistisch scenario gebleken." Ook de verarming van de gemiddelde sociale huurder leidt mee tot lagere inkomsten.

Door de besparingen verliezen de huisvestingsmaatschappijen bovendien jaarlijks meer dan 100 miljoen euro aan inkomsten.