Vlaamse film op zoek naar hit - Ward Verrijcken

Tussen september en december komen er liefst 12 nieuwe Vlaamse films in de zalen. En net als vorig najaar dreigen heel wat titels te weinig bezoekers te lokken. Komt er niet te véél uit?
analyse
Analyse
Aansturen van de 'analyse' teaser o.a. op de home pagina en 'analyse' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'analyse' overzichtspagina

Ward Verrijcken is filmrecensent voor VRT-nieuws. Op Twitter: @filmWard.

 

Bloedbad

Er is dermate veel vaderlands filmproduct dat de titels mekaar aan het doodknijpen zijn. En dat voor het tweede jaar op rij. Want de filmherfst van vorig jaar was ook al zo’n bloedbad.

Tussen september en december 2014 was er maar één titel van de negen grote releases die meer dan 100.000 kijklustigen lokte (zo’n beetje de officieuze grens om van een volwaardige hit te spreken): de BV-komedie ‘Bowling Balls’. Fel gehypete titels als ‘Image’ van Adil El Arbi en Billal Fallah en ‘Welp’ van Jonas Govaerts moesten het met ruim 70.000 bezoekers stellen, al bij al niet slecht voor debuutprenten. Of Woestijnvis tevreden was met de 97.000 bezoekers voor hun groots aangekondigde, vaak uitgestelde remake ‘The Loft’, is een groter vraagteken.

In het cinefiele circuit waren de cijfers voor ‘Waste Land’ (5500 verkochte tickets) en ‘Violet’ (4000 verkochte tickets) toch wel confronterend. Misschien dat de teleurstelling hier wat werd goedgemaakt door de Ensors die deze titels afgelopen weekend in de wacht sleepten.

Overdaad schaadt

De vaststelling dat er wel héél veel Vlaamse films op korte tijd uitkwamen vorig jaar, is meteen ook de verklaring voor de problematische situatie. De markt is dermate overgesatureerd—niet alleen met Vlaamse titels maar uiteraard ook met bijzonder veel Hollywood-product— dat films die niet werken bliksemsnel weer uit de zalen verdwijnen. Bioscoopuitbaters geven slecht tot middelmatig scorende films niet altijd de kans om over een periode van enkele weken een publiek te vinden. Waarom een flop op de affiche laten staan als er de volgende woensdag toch weer een pak verse titels uitkomt? Ter illustratie: op deze woensdag 23 september komen er 7 nieuwe films uit. Het aanbod is enorm. Té enorm.

Moordend ritme

Het herfstseizoen van vorig jaar was dus even slikken voor de vaderlandse filmmakers, komende na enkele jubelende jaren met grote successen als ‘The Broken Circle Breakdown’, ‘Marina’, ‘Het vonnis’ en ‘F.C. De Kampioenen’.

Je zou denken dat er in distributieland lessen worden getrokken uit die situatie, zeker omdat er in het voorjaar van 2015 buiten de kleinschalige arthouse-titel ‘Drift’ geen enkele nieuwe Vlaamse film geprogrammeerd werd. Maar neen hoor: dit najaar is het weer van dattum. Alleen al in september komen er vier nieuwe Vlaamse films uit: ‘Galloping Mind’, ‘Café Derby’, ‘Cafard’ en ‘Terug naar morgen’.

Het is nu al pijnlijk duidelijk dat de consument dat moordende ritme niet kan volgen. ‘Galloping Mind’, het fictiedebuut van Wim Vandekeybus, heeft na twee weken in roulatie nog maar zo’n 1600 kijklustigen weten te bekoren. ‘Café Derby’ klokt na een week af op 10.000 kijkers. ‘Cafard’ en ‘Terug naar morgen’ moeten zich nog bewijzen.

De hele sector houdt de adem in. Welke film zorgt er eindelijk voor een échte kentering? Akkoord, de TV-vehikels ‘F.C. De Kampioenen 2: Jubilee general’ (release op 28 oktober), ‘Mega Mindy versus Rox’ (release op 9 december) en ‘Safety First – The Movie’ (release op 16 december) zullen op trouwe fans kunnen rekenen. De fantastische thriller ‘D’Ardennen’, openingsfilm in Gent op 13 oktober, hoopt een ‘Rundskop’-effect te bewerkstelligen.

Lastiger wordt het voor de Sinterklaas-film ‘Ay Ramon!’ die uitkomt op 28 oktober, dezelfde dag als de Kampioenen-sequel. Twee films die hetzelfde gezinspubliek willen paaien, dat is dat publiek dwingen tot kiezen.

In november moeten Adil El Arbi en Billal Fallah met hun moedige maar moeilijke ‘Black’ de hype waarmaken, en pakt Filip Peeters ook nog uit met de romcom ‘Wat mannen willen’. Kan u nog volgen?

De rol van het VAF

Hoe komt het toch dat heel filmmakend Vlaanderen in de herfstmaanden de bioscoop wil halen? “Iedereen is er van overtuigd dat er maar één seizoen is waarin gescoord kan worden,” stelt Pierre Drouot, intendant van het Vlaamse Audiovisueel Fonds (het VAF), vast. “Want er wordt geredeneerd: in januari en februari kan de sneeuw de mensen uit de zalen houden, en vanaf maart de zon. Met als onvermijdelijk gevolgd dat er zó veel op korte tijd uitkomt dat die films mekaar vertrappelen.”

Dat van die zon zou kunnen kloppen. De twee Vlaamse films die in de zomer van 2015 uitkwamen, deden ook niet echt wat van hen verwacht werd. ‘Paradise Trips’ raakte nog aan 11.000 kijkers, maar ‘Lee & Cindy C.’ van Stany Crets moest het met een paar duizend minder stellen.

Het VAF heeft de voorbije decennium prachtig werk geleverd om de kwaliteit van de Vlaamse film op te krikken, met veel succes in binnen- en buitenland en zelfs veelvuldige Oscarnominaties tot gevolg. Maar hebben ze nu niet te véél producties op hetzelfde moment subsidies gegund?

Drouot ontkent formeel: “Ik heb de lijst hier voor mij. ‘Galloping Mind’ werd voor productie goedgekeurd in april 2011, ‘Paradise Trips’ in januari 2012. ‘Café Derby’, ‘Cafard’, ‘Terug naar morgen’, ‘D’Ardennen’ en ‘Black’ zijn in 2013 goedgekeurd. Toch komen ze nu allemaal tezamen uit. Zo ontstaat er een nieuw fenomeen: het Vlaamse filmveld is overpacked.”

“De conclusie die zeker niét mag getrokken worden is dat wij te véél films zouden steunen,” aldus nog de VAF-intendant. “Wij geven subsidies aan 10 à 11 titels per jaar maar er is nu een nieuwe realiteit: films die niet gesteund worden door het culturele geld van het VAF kunnen tegenwoordig wel gemaakt worden met het economische geld van de Tax Shelter en het fonds Screen Flanders. Daardoor worden er nu meer dan 11 films per jaar gemaakt, titels zoals ‘F.C. De Kampioenen’. Hebben wij als VAF controle op de keuze van release-datum van die vele films? Neen. Vinden wij dat spijtig? Ja.”

Flops doorslikken

Misschien, redeneert Drouot verder, moeten we leren denken zoals in Denemarken, wat iedereen tegenwoordig als het paradijs van de Europese filmproductie beschouwt. “Daar hanteren ze de ongeschreven regel dat de successen de flops compenseren, aan de volgende ratio: op 10 films zijn er twee en een half die echt succesvol zijn, twee en een half zijn echte flops, en de vijf anderen scoren zo-zo.”

Je zal maar één van die zeven en een halve regisseurs zijn die stoïcijns moet aanvaarden dan zijn of haar film geen publiek vindt. Helemaal tragisch wordt dat wanneer die films, zeker dit najaar, van zulk hoog artistiek niveau zijn. Een warme oproep dus om het werk van Vandekeybus, Van Wesemael en collega’s zeker een kans te geven op dat mooie, grote scherm.

Meest gelezen