Europees Parlement legt doelstellingen vast voor klimaattop Parijs

De Europese Unie wil tegen 2030 veertig procent minder broeikasgassen uitstoten, veertig procent minder energie verbruiken en dertig procent van de energie uit hernieuwbare bronnen halen. Dat is de doelstelling die het Europees Parlement heeft vastgelegd voor de VN-wereldklimaattop (COP) die eind dit jaar plaatsvindt in Parijs.

De Europese parlementsleden hebben de doelstellingen aangenomen tijdens een plenaire zitting in Brussel. Daarnaast werd ook vastgelegd dat de Europese Unie tussen 30 november en 11 december tijdens de COP moet pleiten voor bindende doelstellingen.

De afspraken die de 195 deelnemende landen tijdens de klimaattop maken, moeten voldoende ambitieus zijn om de wereldwijde opwarming van de aarde gemiddeld onder de 2 graden Celsius te houden, zo wordt benadrukt. Die doelstellingen moeten wel "op de meest rendabele manier" bereikt worden. Verder moet het klimaatakkoord ook dynamisch zijn, wat inhoudt dat het indien nodig om de vijf jaar kan worden bijgestuurd.

De Europarlementariërs willen ook dat de 28 EU-lidstaten een gedetailleerd stappenplan uitwerken, waarin wordt uitgelegd hoe ze willen bijdragen aan de 100 miljard dollar die jaarlijks in het klimaatfonds moet worden gestopt. De bedoeling is dat de meest kwetsbare landen die met de gevolgen van de klimaatverandering geconfronteerd worden, vanaf 2020 een beroep kunnen doen op dat fonds. In een van de resoluties wordt bijvoorbeeld voorgesteld om de winst uit de handel in emissierechten aan te wenden voor het fonds.

Het document werd aangenomen met 434 stemmen tegen 96. Er werden ook 52 onthoudingen geteld.