Niet langer automatisch subsidiaire bescherming voor asielzoekers uit Bagdad

Het Commissariaat-Generaal voor de Vluchtelingen en Staatlozen (CGVS) heeft de beslissingsstop voor asielzoekers afkomstig uit Bagdad en omstreken opgeheven en tegelijk beslist dat asielzoekers uit de Iraakse hoofdstad niet langer automatisch op een subsidiaire bescherming kunnen rekenen enkel omdat ze uit die regio komen.

Op 3 september maakte het Commissariaat-Generaal bekend te zullen onderzoeken of alle personen afkomstig uit Bagdad en omgeving nog langer per definitie een subsidiaire bescherming moeten krijgen. Er zijn immers twijfels bij de recentelijk ingediende asielaanvragen. Voor de duur van het onderzoek werd een beslissingsstop ingevoerd. Uit een eerste analyse van de nieuwe aanvragen van mensen uit Bagdad bleek dat velen "gelijkaardige feiten op eerder stereotiepe wijze aanhalen", stelde het CGVS toen.

Het CGVS stelt vandaag na een grondig onderzoek van de actuele situatie in Bagdad "dat de situatie er nog steeds problematisch is en dat er voor heel wat personen nog steeds een nood aan bescherming bestaat. Daarnaast blijkt ook dat de situatie er niet van die aard is dat er voor elke persoon afkomstig uit Bagdad een reëel risico bestaat slachtoffer te worden van willekeurig geweld". Daarom wordt beslist dat asielzoekers niet langer een status van subsidiaire bescherming krijgen enkel en alleen door het feit dat ze afkomstig zijn uit Bagdad.

"Net zoals voor personen afkomstig uit Zuid-Irak of Noord-Irak onderzoekt het CGVS nog steeds op individuele basis of er indicaties zijn voor een gegronde vrees van vervolging of een reëel risico bij terugkeer. Als deze er zijn, wordt de status van vluchteling of subsidiaire bescherming toegekend. Als er geen dergelijke indicaties zijn, neemt het CGVS een weigeringsbeslissing", luidt het tot slot.