AZG vreest vernietiging van bewijslast door Amerikanen

Een gepantserd voertuig van het Amerikaanse leger heeft gistermiddag de ingang van het Artsen Zonder Grenzen-ziekenhuis in de Afghaanse stad Kunduz geforceerd. Het ziekenhuis was twee weken geleden nog het doelwit van een Amerikaanse luchtaanval, waarbij 24 doden vielen. AZG vreest nu dat het Amerikaanse leger bewijzen in het ziekenhuis wilde vernietigen. Op het moment van de feiten waren er nog leden van de ngo ter plaatse, onder wie de plaatselijke directeur, Guilhem Molinie.

De Amerikaanse delegatie heeft anderhalf uur onderhandeld met de ploeg van AZG, erop wijzend dat ze bevoegd was om naar het ziekenhuis te komen in het kader van het Amerikaanse-Afghaanse onderzoek naar de dodelijke luchtaanval van 3 oktober. Uiteindelijk kregen de soldaten de toestemming, al moesten ze hun wapens achterlaten.

Een woordvoerder van de ngo bevestigt het voorval, dat gebeurde "ondanks een akkoord waarin staat dat AZG geïnformeerd moet worden bij elke nieuwe stap in de procedure die betrekking heeft op het personeel en de activiteiten van de ngo". "Hun onaangekondigde en gewelddadige binnendringen heeft het complex beschadigd, mogelijke bewijzen vernield en tot stress en angst geleid onder het personeel van AZG", zegt de woordvoerster.

Een woordvoerder van de NAVO-missie in Afghanistan zegt op de hoogte te zijn gebracht van het voorval en gaat bekijken wat er gebeurd is.

AZG eist een onafhankelijk onderzoek naar het bombardement op het ziekenhuis in Kunduz. Daarbij stierven 10 patiënten en 14 werknemers.