Betoging tegen TTIP-verdrag in Brussel

Zo'n 2.100 mensen uit verschillende Europese landen hebben zaterdagmiddag in Brussel een betoging gehouden tegen het TTIP-handelsverdrag en voor een andere Europese politiek.

De manifestatie betekende het eindpunt van een internationale protestactie die drie dagen in beslag genomen heeft. Donderdag probeerden een 600-tal betogers de EU-top te omsingelen en vrijdag werden er de hele dag workshops en groepsdiscussies gehouden. De betoging trok van het Luxemburgplein naar het Muntplein en verliep zonder incidenten.

De grootste kop van Jut voor de manifestanten is het TTIP-handelsverdrag tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten (Transatlantic Trade and Investment Partnership), dat onder meer gaat over de afschaffing van de douanetarieven en het op elkaar afstemmen van regels en standaarden.

De tegenstanders vrezen dat de verdragen, eens ze geratificeerd zijn, op de lange duur zullen leiden tot een wijdverbreide deregulering, een grotere macht voor de multinationals en minder speelruimte voor de nationale regeringen. "Vrijhandelsverdragen zoals het TTIP vormen een fundamentele bedreiging voor onze democratie", zegt Mia van Dongen van Climaxi, één van de deelnemende organisaties. "Die verdragen worden onderhandeld achter gesloten deuren, zonder inspraak van de bevolking of de volksvertegenwoordigers."

Eén van de meest heikele punten is voor de actievoerders het Investment State Dispute Settlement (ISDS), een mechanisme dat bedrijven in staat stelt overheden aan te klagen voor bijzondere arbitragehoven als zij denken dat hun toekomstige winst in gevaar zou komen door nieuwe overheidsmaatregelen. Ook de wederzijdse erkenning van standaarden door de VS en de EU is de manifestanten een doorn in het oog.

Daarnaast pleitten de betogers voor een einde aan de Europese besparingspolitiek, die volgens hen steeds meer mensen de armoede in jaagt.