Stromae kwam, zag, zong en … zweeg - Peter Verlinden

Het was een gigantisch succes, het optreden van de Belgisch-Rwandese muziekkunstenaar Stromae in de Rwandese hoofdstad Kigali. Vijftien- tot twintigduizend uitgelaten fans (exacte cijfers zijn er vooralsnog niet) zongen en dansten geestdriftig mee op wereldhits als ‘Papaoutai’, ‘Formidable’ en ‘Quand c’est’. Maar waar sprak Stromae over? Of niet over?
© VRT 2008 - Bart Musschoot

Peter Verlinden volgt al bijna 25 jaar ook Rwanda voor VRT-Nieuws.
 

Het optreden had vier maanden geleden moeten plaatsgrijpen maar was uitgesteld omdat de wereldster tijdens zijn Afrikaanse tournée ziek geworden was. Uitstel maar geen afstel. En dus kwam Rwanda eens met iets anders in het nieuws dan met de genocide van 21 jaar geleden, de betrokkenheid bij de oorlogen in Congo of de politieke repressie. Een opsteker voor het regime … of toch niet helemaal?

In de Rwandese cultuur is het belangrijker om te detecteren waarover gezwegen wordt dan om mee te gaan in de maalstroom van de media-verhalen.

Vader Stromae

Door het uitstel werd het optreden in Kigali meteen het slotconcert van zijn wereldtournée Racine Carrée. Een toeval dus, zo’n orgelpunt in het land van zijn vader en Paul Van Haver voelde zaterdagavond feilloos aan hoe groot die symbolische waarde wel was. Want vader Pierre Rutare was ruim 21 jaar geleden in Kigali omgekomen tijdens de genocide op de Tutsi’s en de massamoorden van destijds.

De kleine Paul had in vroegere interviews geregeld verteld dat hij nauwelijks een beeld had van zijn vader. De succesrijke Rwandese architect had in Brussel gestudeerd, had daar zijn moeder gekend, en was enkele jaren later teruggekeerd naar huis. Paul ‘Stromae’ had hem het laatst gezien toen hij met zijn moeder Rwanda bezocht rond zijn vijfde levensjaar. Dat was even voor de huidige machthebbers, toen rebellen, het land binnenvielen en de oorlog begon.

Vader Pierre Rutare werd de afgelopen dagen in de regeringsgezinde pers in Kigali (er bestaat geen andere meer) voorgesteld als een man die vanwege zijn Tutsi-etnie door het vorige regime onderdrukt werd. Feit is dat hij een mooie carrière als architect kon uitbouwen, villa’s neerzette in de residentiële wijk Kimihurura en zelfs uitverkoren werd om een monument op te trekken op het belangrijkste rondpunt van Kigali. (Dat alom bekende monument werd in 2005 afgebroken, dus door de huidige machthebbers.) Pierre Rutare behoorde tot de zakelijke elite in Kigali en sponsorde met zijn architectenbureau ook een prestigieuze basketbalploeg.

Hoe vader Pierre Rutare omkwam in april 1994 blijft onduidelijk. Zeker is wel dat succesrijke Tutsi’s bij voorkeur het mikpunt waren van de moordende Interahamwe-milities die de genocide op de Tutsi’s hebben uitgevoerd. Gelukkig heeft een groot deel van de familie van zijn vader de Rwandese tragedie overleefd. (In tegenstelling tot vroegere berichten dat Stromae de enige overlevende van die familie zou zijn.) Volgens de regeringsgezinde pers wonen zo drie van zijn vier andere kinderen in Europa. Een halfbroer van Stromae is een traditionele zanger in Rwanda.

Stromae zwijgt

Tijdens zijn concert zaterdagavond verwees Stromae voor het eerst uitdrukkelijk naar zijn vader en droeg Papaoutai (‘Vader, waar ben je?’) aan hem op. Maar tijdens de korte persconferentie voorafgaand aan het concert bleef de wereldster opmerkelijk op de vlakte over de dood van zijn vader en de Rwandese genocide. Hij gaf ook geen enkel apart interview en de pers werd ver weg gehouden tijdens zijn aangekondigde bezoek aan zijn familie en aan het genocide-memoriaal in Kigali. Zelfs in die mate dat niemand kan bevestigen dat hij wel degelijk het obligate bezoek aan het genocide-monument heeft afgelegd.

En verder heeft Stromae vooral gezongen en veel gezwegen en dat is opmerkelijk. Want in de aanloop naar het optreden van de grootste ster die Rwanda ooit aangedaan heeft, had de regeringsgezinde pers heel uitdrukkelijk geprobeerd om het optreden en het bezoek van Stromae voor te stellen als een steun aan het huidige regime.

Het lijkt wel duidelijk dat de Belgisch-Rwandese wereldster erin geslaagd is om zich daar niet toe te lenen. Zou het kunnen dat hij de geschiedenis van zijn vaderland beter kent dan het regime had vermoed?

Er zijn geen officiële ontmoetingen gekomen, of toch zeker niet met een camera erbij, zelfs al was onder meer First Lady Jeanette Kagame prominent aanwezig op het concert. Elke verwijzing naar de genocide en de huidige politieke situatie werd vakkundig uit de weg gegaan en Stromae vermeed zelfs elk mogelijk (pers)contact buiten het podium, uitgezonderd de strak geregisseerde persconferentie vooraf.

In de sociale media, maar dan alleen in het Kinyarwanda, krijgt hij daarvoor behoorlijk wat kritiek. Zelfs in die mate dat sommigen hem niet (meer) beschouwen als een ‘echte Rwandees’.

Stromae heeft dus gedaan waarvoor hij gekomen was: zijn wereldhits zingen en enkele duizenden fans een fantastische avond bezorgen. Niet meer, niet minder.

Overigens konden die fans ook alleen maar de betere stedelingen zijn én de buitenlanders in Kigali. Want de toegangskaartjes kostten van 2,5 tot 80 euro. Voor de schaarse middenklasse en zeker de rijkeren in Rwanda een peulschil, voor twee derden van de bevolking totaal onbetaalbaar. Want die moeten het doen met minder dan 1 euro per dag om te kunnen overleven. Tegelijk hebben zij de zorg te dragen voor hun kinderen van wie de helft onder de vijf jaar chronisch ondervoed is.

Ook dat is Rwanda en daar zal de eenmalige euforie van ‘Stromae in Kigali’ niets aan veranderd hebben.

Meest gelezen