Minder Amerikanen absoluut zeker van bestaan van God

63 procent van de Amerikanen zegt dat ze "absoluut zeker" zijn van het bestaan van God, zo blijkt uit een poll van het PEW Research Center. Dat is een flinke daling tegenover de PEW-poll van 2007, toen nog 71 procent aangaf absoluut zeker te zijn. Toch blijven de Amerikanen veel geloviger dan mensen in andere geïndustrialiseerde landen.
De Baptist Church in Damariscotta in Maine.

Het aantal gelovigen die zeker zijn van hun zaak, is het sterkst gedaald bij de hindoes (- 16 procentpunten), bij de boeddhisten (- 10), en bij de orthodoxe christenen (- 8).

De boeddhisten (29 procent) en de joden (37 procent) zijn de gelovige gemeenschappen met het minste mensen die absoluut zeker zijn van het bestaan van God.

Hoewel er minder Amerikanen absoluut zeker zijn van het bestaan van God dan in 2007, blijven de Amerikanen veel geloviger dan de inwoners van andere ontwikkelde geïndustrialiseerde landen. 89 procent van de ondervraagden zegt te geloven in God, een lichte daling van drie procentpunt tegenover 2007. Ook het aantal mensen dat zegt te geloven in een paradijs, is nauwelijks gedaald: van 74 procent in 2007 naar 72 procent.

"Nones"

Opvallend is wel de sterke stijging van de "nones", mensen die zeggen dat ze geen deel uitmaken van een bepaalde religie. Daartoe behoren zowel zelfverklaarde atheïsten en agnostici als mensen die hun religie omschrijven als "niets specifieks", maar die wel geloven in een god. In 2007 behoorden 16 procent van de Amerikanen tot deze groep, nu is dat gestegen tot 23 procent.

Anderzijds zijn de 77 procent van de Amerikanen die zich identificeren met een bepaald geloof, nog even gelovig of zelfs nog geloviger dan in 2007. Ruim twee derde van hen zegt dat ze elke dag bidden en dat religie erg belangrijk is voor hen, en zes op de tien zeggen dat ze minstens een of twee keer per maand een religieuze eredienst bijwonen. Dat aantal is stabiel gebleven.

En het aandeel van de gelovigen die zeggen dat ze regelmatig heilige geschriften lezen, hun geloof delen met anderen, en deelnemen aan gebedsgroepen of religieuze studiegroepen, is licht gestegen tegenover 2007. En ruim vier op de tien gelovigen zeggen dat ze voornamelijk hun religieuze overtuigingen als leidraad nemen bij vragen over goed en kwaad, een stijging met niet minder dan 7 procentpunten.

De PEW-poll werd afgenomen tussen juni en september 2014, bij 35.071 volwassenen.