Vanuit België vertrekken nog steeds elke maand 5 à 10 Syriëstrijders

Elke maand vertrekken er vanuit België nog steeds vijf tot tien mensen richting Syrië en Irak om zich aan te sluiten bij terreurgroep IS. Het aantal is weliswaar gedaald, maar inspanningen blijven dus nodig. Dat heeft minister van Buitenlandse Zaken Didier Reynders (MR) gezegd, in de marge van een ontmoeting met de internationale coalitie tegen IS in Brussel.

"Het aantal jongeren dat naar de conflictzones vertrekken, is fors gedaald, maar België kan niet op zijn lauweren rusten", aldus Reynders. "Jonge Belgen, zelfs al zijn ze minder talrijk dan voorheen, blijven vertrekken."

Bijeenkomst van internationale coalitie

Reynders ontvangt vandaag de "Small group" met de 24 meest actieve leden van de ruimere internationale coalitie rond de VS. De bijeenkomst op het hoogste ambtelijke niveau moet de samenwerking vooruit helpen en iedereen up to date houden over de snel wisselende situatie op het terrein.

Belangrijk is onder meer het stabiliseren van herwonnen terrein, zo verwees Reynders naar de Iraakse stad Tikrit. De heropbouw van politie en andere diensten moet het vertrouwen van de lokale bevolking helpen herstellen. Maar het moet ook duidelijk zijn dat de zware misdaden van het regime van president Assad niet onbestraft zullen blijven, gaf Reynders te kennen.

Tegelijk blijft de financiering van IS een pijnpunt. De verschillende landen van de coalitie - ook de Arabische - moeten minstens de financiering van op hun grondgebied proberen te stoppen, net als de smokkel van olie en kunstschatten die voor de terreurgroep zo lucratief blijkt.

Uitwisseling en overleg

Voorts blijft het belangrijk om inlichtingen uit te wisselen over de zowat dertigduizend buitenlandse IS-strijders, moet het counteren van de propaganda van IS prioritair blijven en is er nog steeds veel meer humanitaire hulp nodig, besloot Reynders.

Op politiek niveau herhaalde Reynders dat hij kansen ziet doordat intussen alle betrokken partijen bereid zijn aan tafel te gaan. Hopelijk blijkt een politieke oplossing in de komende maanden mogelijk, zo verwees hij nog naar de bijeenkomst in Wenen met onder meer de VS, Rusland en Iran.