Hulplijn voor ouders Syriëstrijders blijft uit

Er is nog geen hulplijn of helpdesk opgestart waar ouders van Vlaamse Syriëstrijders terechtkunnen. Dat blijkt uit het verslag dat de bevoegde Vlaamse ministers maandag voorstellen in het Vlaams parlement. Op 10 december organiseert de werkgroep die zich met de lijn bezighoudt een bevraging van de noden op het terrein.
(archieffoto IS-strijders)

"Dit is ontstellend, omdat iedereen ervan overtuigd is dat de ouders en de naaste omgeving een sleutelrol spelen in de vroegtijdige detectie", zegt Vlaams parlementslid Yasmine Kherbache (SP.A). "De ouders voelen zich echt in de steek gelaten."

Tijdens de hoorzittingen in aanloop naar de resolutie waarin het parlement zijn aanbevelingen rond de bestrijding van radicalisering formuleerde, kwamen een aantal ouders van Syriëstrijders aan het woord. Uit hun verhaal bleek dat er een grote nood was aan onafhankelijke hulp, los van de ondersteuning door de politie. "Ongeruste ouders, leerkrachten of andere burgers in de omgeving van radicaliserende jongeren moeten toegang hebben tot één neutrale telefonische hulplijn die permanent bereikbaar is", werd daarom opgenomen in de resolutie.

"Er wordt goed overlegd"

Uit het verslag blijkt dat er goed wordt overlegd tussen de verschillende kabinetten en bevoegde diensten. De bewuste hulplijn is er echter nog niet. Er werd wel een werkgroep opgestart met vertegenwoordigers van Kind en Gezin, Algemeen Welzijnswerk, OTA's en CLB's. Op 10 december organiseert de werkgroep een bevraging van de noden op het terrein, in De Markten in Brussel. Er wordt ook een inventaris opgemaakt van buitenlandse ervaringen en een werkbezoek aan Düsseldorf afgelegd.

Niet voldoende, vindt de oppositie. "De ouders hebben bij de hoorzittingen heel sterk de nadruk gelegd op de nood aan een hulplijn, waar ze in alle vertrouwen hun verhaal kunnen doen en voortgeholpen worden. In de rapportage is echter niets concreet terug te vinden", aldus Kherbache.

In het rapport is voorts terug te vinden dat zestien gemeenten een aanvraag hebben ingediend voor steun in het kader van preventie en radicalisering. De inschrijvingen zijn intussen afgerond. Tegen eind deze maand zal de minister beslissen welke steden en gemeenten bijkomende middelen krijgen, tot 100.000 euro per aanvraag.

Er werden ook 78 projecten ingediend van organisaties die zich inzetten voor preventie van radicalisering en positieve identiteitsontwikkeling. Eind deze maand wordt bekendgemaakt welke projecten steun krijgen.