Steeds meer Vlamingen lid van een natuurvereniging

Eind 2014 waren ruim 228.000 Vlamingen of gezinnen lid van een natuurvereniging, bijna zeven keer zoveel als twintig jaar geleden. "Dat kan geïnterpreteerd worden als een uiting van een toenemend draagvlak voor natuur bij de bevolking", zegt het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) in één van haar Natuurindicatoren.

Het aantal lidmaatschappen steeg in 2014 met 7,6 procent ten opzichte van 2013. Behalve voor Vogelbescherming Vlaanderen, nam het aantal lidmaatschappen per vereniging toe. Natuurpunt (95.163 leden) is de grootste natuurvereniging, gevolgd door WWF (61.315), Greenpeace (59.504), Vogelbescherming Vlaanderen (9.275) en de Jeugdbond voor Natuur en Milieu (JNM) (3.211).

"Mensen zijn in toenemende mate bezorgd om de natuur in Vlaanderen, vooral om de gebieden die op wandelafstand van hun woning liggen", reageert directeur Chris Steenwegen (Natuurpunt). "Vaak zijn dat de plekken waar ze kunnen ontsnappen aan de hectiek van elke dag. Ze willen die plekken beschermen voor de toekomst en rekenen daarvoor op ons. Terecht: Natuurpunt is sterk lokaal verankerd."

Daarnaast zegt Steenwegen dat een lidmaatschap van een natuurvereniging een manier is om een stem te geven aan natuur. "Dankzij het groeiende ledenaantal slagen we er als vereniging beter in om de natuur op de politieke agenda te krijgen." Tot slot meent Steenwegen dat de actualiteit een rol speelt. "De globale klimaatverandering heeft veel mensen wakkergeschud."

De kleinste natuurvereniging, de JNM, zegt deels mee te surfen op het succes van Natuurpunt, maar werkte de afgelopen jaren ook hard aan "draagvlakverbreding". "De aandacht gaat meer naar spelenderwijs omgaan met de natuur, terwijl vroeger het studiewerk en acties centraal stonden", zegt Klaas Debusschere (JNM). Om zich meer als jeugdbeweging te profileren, riep JNM ook een jongere leeftijdsgroep in het leven, kinderen vanaf 7 jaar kunnen aansluiten, en het werkingsjaar loopt gelijk met het schooljaar.