Nooit eerder lag het aantal terreurdoden zo hoog

Het aantal mensen dat omkwam bij een terreuraanslag is vorig jaar met 80 procent gestegen tegenover het jaar voordien. De zogenaamde "terrorisme-index" telde in 2014 32.658 slachtoffers, in 2013 ging het om 18.111 personen. Nooit eerder lag het aantal terreurdoden zo hoog, blijkt uit het jaarlijkse rapport van het Instute for Economics and Peace.

De meest dodelijke terreurbewegingen zijn de Nigeriaanse rebellengroep Boko Haram en de jihadisten van terreurgroep IS.

Volgens directeur Steve Killelea van het onderzoeksinstituut is terrorisme "aan een ongekend tempo aan het stijgen". Ook in 2013 was er al een forse toename. Maar toch blijft het een fenomeen dat zich beperkt tot een kleine groep landen, met name Afghanistan, Irak, Nigeria, Pakistan en Syrië. Die landen waren in 2014 goed voor 78 procent van alle terreurdoden.

Irak was vorig jaar zelfs een absolute koploper, met 9.929 doden als gevolg van terrorisme. Nooit eerder in de geschiedenis werd één land zo zwaar getroffen. Nigeria zag het probleem dan weer sterk stijgen, tot 7.512 doden of meer dan een verdrievoudiging in één jaar tijd.

Aanslagen Parijs nog niet meegeteld

Het risico is in de Westerse landen veel kleiner, aldus het rapport. Hier zijn het veelal zogenoemde "lone wolves" die tot actie overgaan. Maar de aanslagen in Parijs zijn nog niet meegeteld, zij zouden de analyse kunnen veranderen. "Deze aanslagen zouden een ommekeer kunnen betekenen. Ze tonen aan dat IS over de middelen beschikt om ook in Europa dodelijke aanvallen te lanceren", aldus Killelea.

De kost van het extremisme werd in 2014 op 52,9 miljard dollar geschat. Ook dat is een record, en een vertienvoudiging tegenover 2000.

Het rapport onderzocht aanslagen in 162 landen. Terrorisme wordt gedefinieerd als "bedreiging of effectief gebruik van geweld door een niet-staatsgebonden dader om een politiek, economisch, religieus of sociaal doel te bekomen, via angst of intimidatie".