Seksistisch "met een knipoog" - Ward Verrijcken

Het is 2015, zegt u? Niet op de cover van de Humo, of in sommige druk bekeken spelprogramma’s. Daar mogen we, in naam van de humor, allemaal gezellig seksistisch zijn. Helaas: ik lach niet mee.

Ward Verrijcken is filmrecensent bij VRT Nieuws.

Ik beken: ik ben een saaie seut. Dat is de term die ik al heb moeten slikken omdat ik weinig of niet kan lachen met de mopjes in “De slimste mens ter wereld”. U kent de kwinkslagen wel: ironisch seksistisch, af en toe luchtig racistisch, soms wel eens jolig homofoob.

Het komt uit de juiste hoek, de coole Woestijnvis-kliek. Dus is het per definitie om te lachen. Vreemd dus, vinden mijn vrienden, dat ik niet meelach. Of dat sommige kandidaten enkel groen lachen.
Seksistisch met een knipoog, dat is nog áltijd seksistisch, hoe je dat ook draait of keert. Dat vind ik zo frappant, dat je blijkbaar de ambetanterik bent als je vóór vrouwenrechten opkomt. Dat is toch het goeie kamp, veronderstelde ik altijd.

Blote Humocover

Ik tweette eerder deze week mijn bedenkingen bij de cover van Humo. Filip Peeters en Ben Segers, twee steengoede acteurs, promoten daar hun nieuwe film “Wat mannen willen”. Met diezelfde ogenschijnlijk ironische overwegingen laat Humo de twee heren poseren met quasi naakte dames. Binnenin, bij het artikel, tonen de modellen zelfs hun getatoeëerde billen en blote borsten.

Ik vind dat niet nodig, en bovendien vrouwonvriendelijk. Voor de goede verstaander: ik ben géén kruistocht tegen de film begonnen. “Wat mannen willen” is een romantische kerstprent met “Love actually”-allures en speelt vanaf eind november in de Vlaamse zalen. Alleen vind ik de foto’s bij dit interview te gemakzuchtig. Inventiever kon het niet? En vooral: minder seksistisch?

Vinger op de wonde

Wanneer ik een mening tweet over een film (want dat is mijn beroep) krijg ik hooguit twee of drie reacties. Maar nadat ook het Radio 1-programma “Hautekiet” mij over de Humo-cover aan het woord liet, is mijn Twitter tijdelijk ontploft. Gelukkig duwen de meeste mensen op hun hartje-knop. Optimistisch word ik daarvan, er zijn nog mensen die zich durven outen als feminist. Hoewel één reactie, per sms van een vrouw met naambekendheid binnen dit bedrijf, heel veelzeggend was: “Ik kan dat niet zeggen, dan ben ik een feministische mannenhaatster.”

Vinger op de wonde. Wanneer je niet meelacht, ben je een tang, bitch, seut of, ik citeer een zeldzame negatieve Twitter-commentaar: “censuurridder met gratuite accusaties”. Nee, ik censureer helemaal niemand. Iedereen mag gniffelen met wat hij of zij wil. Zo ruimdenkend ben ik dan weer. Maar dan gun ik mezelf ook de vrijheid om níét geamuseerd te zijn door geïnstitutionaliseerde vooroordelen.
 

lees ook