Neerhurken bij elkaar - Jürgen Mettepenningen

‘Meneer’, zo zei hij mij, ‘u hebt alleen maar moslims aan het woord gelaten die zowat hetzelfde profiel hebben’. Een kritisch geluid – daar moeten we altijd voor openstaan. Hier betrof het iemand die mijn kersverse boek “Geloven” had doorbladerd waar 46 mensen vertellen hoe geloof hun leven rijker maakt. De criticaster van dienst gleed met zijn vinger door de inhoudstafel. Een vinger die dus halt hield bij de namen van de moslims. In het gesprek dat volgde op zijn opmerking kwamen we zowaar tot een conclusie waar we beiden achter staan: het getuigenis van de moslims in het boek is duidelijk verschillend, maar ze vinden elkaar in de bereidheid tot dialoog. Het was vrijdagavond, precies een week na de aanslagen in Parijs.

Jürgen Mettepenningen is theoloog.

Zelf God spelen

Vandaag vallen andere moslims op dan degenen die in mijn boek staan: mensen die God en geloof gebruiken om hun wil op te leggen aan allen, zonder bereidheid tot dialoog. Waar God in het leven van mensen verwordt tot een opruiende slogan waarbij niemand wordt ontzien, heeft de roeper zichzelf tot God gemaakt: heer en meester van leven en dood. Maar wie dood zaait, kan geen leven oogsten. Ook niet het eeuwige leven, vermoed ik. Maar ik ben God niet…

In mijn boek stelt sjeik Mohammed Pirzada uit Pakistan dat we mensen nodig hebben ‘die hun religie op een positieve manier voor het voetlicht brengen, waardoor religieuze haatdragendheid kan worden uitgebannen en er een sfeer van vrede en verdraagzaamheid kan ontstaan’. De woorden staan zo haaks op de actualiteit van geweld, nota bene een actualiteit die de hele islam dreigt te verengen tot een gevaar. De sjeik heeft gelijk, maar bang zijn we ondertussen wel…

Solidair uit angst

In de biografie van de angst staan vele bladzijden waarop religies vermeld staan. En toch, in de terreur die we vandaag meemaken draait het al lang niet meer over God, ook al wordt zijn naam gebruikt. Het gaat over dreiging, angst, oorlog. Terroristen blijven de angst voeden dat we nergens nog veilig zijn. Paradoxaal genoeg versterken zij een tendens die zich reeds zonder hen liet aftekenen in het door hen verketterde Westen, namelijk een groeiend individualisme en nationalisme. Plus de angst van elkeen om kwijt te raken wat men heeft. Tot ons eigen leven aan toe.

Opmerkelijk is dat we in de angst wat meer solidair worden met elkaar, omwille van de angst. Solidariteit uit zelfbehoud en eigenbelang. Een legitieme reden, zeker, ook al mag solidariteit wat meer fond hebben wil een maatschappij meer ‘samenleving’ worden.

Angst wordt verpletterend zonder hoop

Vorige week werd aan de biografie van de angst het begin van een nieuw hoofdstuk toegevoegd. Het woord oorlog wordt daarbij meer gebruikt. En toch, alle oorlogsretoriek ten spijt, het leven gaat door: het werk moet worden gedaan, de papieren in orde, brood op de plank, huiswerk gemaakt, de voetbalmatch gespeeld. Het leven kan niet worden bepaald door angst, maar de angst moet worden lamgelegd of minstens gekanaliseerd door ons leven.

Kijk naar onze kinderen en kleinkinderen: zij roepen ons op tot leven en hoop! Hoe een kleine jongen afgelopen week tijdens een TV-interview ontwapenend sprak over zijn angst, maar in dialoog met zijn papa gerustgesteld werd en hoop hervond, greep me aan. De jongen vertrouwde op het woord van zijn vader, een papa die zich had neergehurkt naast zijn zoontje om op diens niveau en in diens taal een boodschap van hoop mee te geven voor de hele wereld. Sterke dialoog!

Ergens ben ik wat bang voor de angst die ik zou voelen als de situatie van deze dagen nog al te lang zo blijft doorgaan. Ik geloof echter dat God zich vandaag ook neerhurkt bij mij en bij zovele anderen. Hoop moet immers het leven domineren, niet de angst!

lees ook