The global city of Brussels, Belgium - Luckas Vander Taelen

Nu Brussel ongewild in de belangstelling staat van de hele wereld, is het misschien het moment om het eens niet te hebben over Molenbeek. Daar zijn ondertussen al een kleine duizend stukken over geschreven. Maar wie iets van het Brussel van nu wil begrijpen, vertel ik graag hoezeer ik die stad heb zien veranderen sinds ik er 35 jaar geleden kwam wonen...

Luckas Vander Taelen is gewezen parlementslid voor Groen, muzikant en freelance journalist.

Toen ik hier in het begin van de jaren tachtig van de vorige eeuw neerstreek, had Brussel nog alles van een ietwat ingedommelde, zelfgenoegzame verfranste stad, waar vele weldenkende burgers van Vlaamse afkomst er een punt van maakten om nooit één woord Nederlands te spreken. Ik werkte in de Koninklijke Bibliotheek, die ikzelf jaren onveilig had gemaakt als student geschiedenis. Ook daar was een niet onaanzienlijk deel van het personeel perfect eentalig Frans en werd er geen moeite gedaan om een Nederlandstalige in zijn eigen taal te woord te staan.

Niemand van het bestuur leek daar aanstoot aan te nemen; die mentaliteit was nog een verre echo van de tijd toen Vlamingen omwille van de collaboratie in de Tweede Wereldoorlog voor “boches” werden uitgescholden, wat zoveel als “nazi-Duitsers” betekent. Niet lang ervoor had het FDF de stad nog volgehangen met affiches met Gotische letters: “Brüssel Vlaams, Jamais!”. Vooral de umlaut op de Brusselse u liet geen twijfel bestaan wat het FDF dacht over de Vlamingen. Brussel moest en zou een eentalige Franstalige stad zijn. De legendarische Franstalige politieke coryfee Henri Simonet was zo opgetogen over die evolutie dat hij in de jaren zeventig verkondigde dat “de verfransing van Brussel compleet was”.

Internationale stad

Simonet had beter moeten weten en vooral dat niets voor altijd is. Ik heb zelf gezien en vooral gehoord hoe er vanaf de jaren negentig steeds meer talen werden gesproken in Brussel. En hoe de demografie van de stad veranderde. Ik woonde vele jaren in Elsene, niet ver van de Louisalaan, in een wat saaie stille wijk. Maar in de Delhaize hoorde ik steeds vaker dat er niet alleen Frans werd gesproken, maar veel Engels, Duits en Pools. Met de val van de Berlijnse muur en de uitbreiding van de Europese Unie vervelde Brussel tot een internationale stad. Ik verhuisde naar Vorst en kwam er terecht in een multiculturele wijk, waar niet alleen veel Brusselaars van Marokkaanse origine wonen, maar steeds meer Oost-Europeanen. Wie mijn straat binnenrijdt, ziet aan de linkerkant de “Boucherie Islamique”, waar vroeger een wijnhandel was. Aan de rechterkant, waar tot voor een paar jaar een Vlaamse bakker huisde is nu een Roemeens café; er rechtover een Turkse snack en een Marokkaanse kapper.

Als ik de tram naar huis neem en mijn medepassagiers bekijk, dan besef ik dat ik tot een bijzonder kleine minderheidsgroep ben gaan behoren: ik ben een Vlaamse Brusselaar. Maar veel Franstaligen zitten er ook niet op te tram. Zoveel nationaliteiten als ik kan bedenken zie ik rondom mij. En misschien gebruiken veel van die mensen wel Frans om te communiceren, hun moedertaal is dat allerminst.

Brussel is al lang de Franstalige stad niet meer waarvan Simonet droomde en Olivier Maingain nog altijd gelooft dat ze bestaat. In meer dan de helft van de Brusselse gezinnen wordt thuis geen Frans of Nederlands gesproken. Het Frans is de taal waarvan de meerderheid van Brusselaars zich bedient om zich verstaanbaar te maken. Maar Brussel spreekt in een meervoud van talen en is een ware linguïstische mozaïek...

Global city

Hoezeer Brussel een superdiverse stad is geworden, bleek kort geleden uit een internationaal rapport. Liefst 62% van de inwoners is van vreemde origine. Dat is een bijzonder hoog percentage: daarmee staat Brussel op de tweede plaats op een wereldranglijst, ver boven Londen, New York of Parijs. Die cijfers betekenen vooral dat het internationale karakter van de stad enkel nog zal toenemen, al was het maar omdat veel mensen met migratieachtergrond gemiddeld meer kinderen hebben dan de traditionele Belgen.

Volgens de Internationale Organisatie van Migratie behoort Brussel daarmee tot de invloedrijke “global cities”, die door hun ligging en de banden met economische en politieke beslissingscentra een belangrijke rol spelen in de wereldeconomie. Dat is een niet onbelangrijke evolutie waarvan Vlaamse politici zich niet altijd bewust zijn als ze het over Brussel hebben. Ze zijn te zeer geneigd enkel de negatieve aspecten van de Brusselse transformatie te zien en niet de opportuniteiten. Het zou bijzonder jammer zijn mocht het negatieve imago van Molenbeek er toe leiden dat Vlaanderen zich zou afkeren van Brussel. Op dit moment in de geschiedenis afstand doen van een stad in volle transformatie zou getuigen van een onvergefelijke kortzichtigheid...

lees ook