Kamer keurt resolutie in aanloop naar Klimaatconferentie goed

De plenaire Kamer heeft meerderheid tegen oppositie een resolutie goedgekeurd over de prioriteiten die ons land moet verdedigen tijdens de Klimaattop die binnen drie dagen van start gaat in Parijs. De oppositie keurde de tekst niet goed, omdat hij niet ver genoeg zou gaan.

Aan de goedkeuring gingen lange besprekingen in de bevoegde Kamercommissie vooraf. Er werden tal van amendementen ingediend. Sommige daarvan werden weerhouden, maar niet genoeg om de ambitie van de resolutie voldoende op te krikken, luidt het op de oppositiebanken.

De tekst - het gaat niet om een wettekst, maar om een vraag aan de regering - ijvert voor een daling van de Belgische CO2-uitstoot met 15 procent tegen 2020. De uitstoot van broeikasgassen moeten met minstens 80 tot 95 procent worden teruggedrongen tegen 2050 ten opzichte van het niveau van 1990. Ook vraagt het parlement een engagement dat België progressief afscheid neemt van fossiele energie en volledig overstapt naar hernieuwbare energie. Daarvoor geldt geen deadline, wat door de tegenstanders van de tekst als een tekortkoming wordt gezien.

Ook wordt gepleit voor een akkoord tussen de Belgische overheden over de zogenaamde burden sharing. "We blijven werken aan een akkoord. We hopen dat voor de Klimaattop te bereiken", herhaalde minister van Energie Marie-Christine Marghem (MR) haar standpunt.

De oppositie vindt het onder meer niet kunnen dat de resolutie de Belgische bijdrage aan het energietransitiefonds voor de zuidelijke landen plafonneert op 50 miljoen euro. Ook weigerde de meerderheid dat bedrag als "complementair" aan de middelen die worden vrijgemaakt binnen de ontwikkelingssamenwerking te bestempelen. Een ander struikelblok slaat op de Tobintaks.