Spaans goudschip uit 1708 teruggevonden door Colombia

Colombiaanse onderzoekers hebben het Spaanse galjoen San José teruggevonden. Dat meldt president Juan Manuel Santos op Twitter. Het galjoen zonk in 1708 en vervoerde een grote lading goud, zilver en edelstenen.
Britse schepen in oorlog met de Spaanse vloot.

"Groot nieuws: we hebben het galjoen San José gevonden. De details volgen morgen op een persconferentie in Cartagena", zo meldt de president op Twitter. Voor meer informatie over de exacte vindplaats is het dus nog even wachten.

Spaanse successieoorlog

Het verhaal van de San José gaat terug naar het begin van de 18e eeuw, toen in Europa de Spaanse successieoorlog woedde. Een complex conflict dat draaide rond de vraag wie er recht had op de Spaanse troon.

De Spaanse koning Filips V werd onder meer niet erkend door de Britten, die de oorlog niet alleen in Europa uitvochten, maar ook in de kolonies. In juni 1708 kwam het tot een confrontatie tussen een Brits squadron en de Spaanse vloot voor de kust van Colombia, nabij Cartagena.

Explosie

De Britse admiraal Charles Wager wou verhinderen dat de Spaanse goudschepen de oceaan overstaken en zo de oorlogsinspanningen in Europa konden financieren. Daarnaast wilde hij zoveel mogelijk buit maken. Kort na de aanval op de San José vond er echter een explosie plaats op het schip, waardoor het met zijn volledige lading in de diepte zonk. Van de 600 mensen aan boord waren er slechts 11 overlevenden.

De Engelsen slaagden er uiteindelijk in om te verhinderen dat de Spaanse schepen naar Europa trokken, maar hun buit was wel veel kleiner dan ze gehoopt hadden. Het goud en zilver aan boord van de San José bleef op de bodem van de oceaan liggen.

"Heilige graal"

De juiste locatie van het gezonken galjoen was tot nog toe een mysterie. Al werden er geregeld zoekacties ondernomen door schattenjagers, in die mate zelfs dat het schip wel eens "de heilige graal van de scheepswrakken" genoemd wordt.

Over wie er recht heeft op de inhoud van het wrak loopt ook al meer dan 15 jaar een juridische strijd tussen de Colombiaanse staat en de bergingsfirma SSA. Beiden waren aanvankelijk partners. Het bedrijf, dat de waardevolle cargo zou lokaliseren en bovenhalen, zou in ruil een deel van het geld krijgen.

Later besloot de regering om alles te claimen. Een Amerikaanse rechter oordeelde in 2011 dat het schip volledig eigendom is van de Colombiaanse staat. Hoe groot de huidige waarde is van de zeeschat, is niet duidelijk. Sommige bronnen hebben het over enkele honderden miljoenen euro, andere over meer dan één miljard.