Wet-Major: hinderpaal voor of bescherming van jobs?

De wet-Major of de wet op de havenarbeid dateert van 1972 en bepaalt dat werk in havengebieden door erkende havenarbeiders moet gebeuren. Voor de Europese Commissie gaat het om een aanfluiting van het - liberale - principe van de vrije concurrentie, maar volgens de vakbonden garandeert de wet net de sociale verworvenheden van de havenarbeiders.

De wet-Major of wet op de havenarbeid dateert uit 1972 en is het werk van Louis Major, voormalig vakbondsleider en van 1968 tot 1973 minister van Arbeid en Tewerkstelling voor de socialistische BSP. Ze bepaalt dat alleen erkende havenarbeiders in de havengebieden arbeid mogen verrichten.

"Alle werknemers en hun werkgevers die, in de havengebieden, als hoofdzakelijke of bijkomstige activiteit havenarbeid verrichten, d.w.z. alle behandelingen van goederen welke per zee- of binnenschepen, spoorwagens of vrachtwagens aan- of afgevoerd worden, en de met deze goederen in verband staande bijkomende diensten, ongeacht deze activiteiten geschieden in de dokken, op bevaarbare waterwegen, op de kaden of in de instellingen welke gericht zijn op invoer, uitvoer en doorvoer van goederen, alsook alle behandelingen van goederen, welke per zee- of binnenschepen aan- of afgevoerd worden op de kaden van nijverheidsinstellingen", luidt het in een Koninklijk Besluit.

Een beroep met verworvenheden

Havenarbeiders dragen veel verantwoordelijkheid, luidt de redenering. Dat betekent dat je ook officieel als dusdanig moet worden erkend. Daarnaast kunnen werkgevers ook gelegenheidsarbeiders inzetten om een tijdelijk tekort aan havenarbeiders op te vangen.

Havenarbeiders moeten voldoen aan een aantal erkenningsvoorwaarden:

  • Minstens 18 jaar oud zijn,
  • Een goed gedrag en zeden hebben
  • Geslaagd zijn in de psycho-technische proeven
  • Medisch geschikt bevonden zijn
  • Geslaagd zijn voor de opleiding havenarbeid (theorie- en praktijklessen gevolgd door een stage)
  • De voorbije vijf jaar je erkenning als havenarbeider niet zijn kwijtgespeeld
  • Voldoende professionele taalkennis hebben.

Opvallend is dat je je via werkgevers of vakbonden kandidaat moet stellen voor de psychotechnische proef. Pas daarna kan je deelnemen aan de opleiding. Als erkend havenarbeider krijg je een erkenningskaart, een identificatiekaart, een werkboeknummer en een werkboek.

Gelegenheidsarbeiders hoeven niet geslaagd te zijn voor de opleiding, maar kunnen ingaan op jobaanbiedingen die werkgevers dagelijks aanbieden in het aanwervingsbureau, dat in Antwerpen "het Kot" wordt genoemd. Ze krijgen dan een aanwervingsbriefje, nodig voor de uitbetaling van hun loon.

Het statuut van havenarbeider houdt naast het loon een hele reeks voordelen in, onder meer werkkledij, aanvullend pensioen, premies en maaltijdcheques. De vakbonden werpen zich in deze op als verdediger van de belangen van hun leden.

Een doorn in het oog van de vrije markt

Dat een dergelijk statuut haaks staat op het principe van de vrije concurrentie, hoeft geen betoog. Meer dan tien jaar geleden al probeerde Europa de havenarbeid te liberaliseren door onder meer toe te laten dat scheepsbemanningen zelf de lading van hun schepen zouden kunnen lossen, uiteraard tegen minder gunstige voorwaarden dan die waarvan de Belgische havenarbeiders kunnen genieten. Dat feestje ging toen niet door, onder meer door het hevig verzet van onder meer de Antwerpse havenarbeiders.

Meer dan tien jaar later heeft de Europese Commissie de draad weer opgepikt. Het gaat nu niet over het lossen van schepen, maar over de liberalisering van de havendiensten. Daarbij kan bijvoorbeeld ook magazijnwerk horen, dat in zo'n scenario niet langer als havenarbeid zal worden beschouwd.

Werkgevers zoals Fernand Huts, de grote baas van het machtige Katoen Natie, zijn de wet-Major al langer liever kwijt dan rijk. Huts diende een klacht in bij de Europese Commissie nadat hij onder druk van de vakbonden en de sociale inspectie was verplicht havenarbeiders in dienst te nemen in plaats van goedkopere bedienden.

Voor de grote baas van Katoen Natie is de wet-Major een schending van het vrij verkeer van diensten en de vrijheid van vestiging. Huts is vooral geïnteresseerd in een goede concurrentiële positie voor zijn bedrijf, en werken met goed betaalde havenarbeiders past niet in zo'n plaatje.

Hoe dan ook vormen die erkende en goed betaalde havenarbeiders voor een aantal werkgevers uit de distributiesector mogelijk een hinderpaal om zich in een Belgische haven te vestigen. Al moet natuurlijk ook worden gezegd dat de Amazon.coms van deze wereld niet geboekstaafd staan als bedrijven die hun werknemers goed behandelen.

AP2013