Zieke werknemers kosten voor het eerst meer dan werklozen

Dit jaar betaalde de overheid voor het eerst meer voor zieke werknemers dan voor werklozen. Dat schrijft De Tijd. Terwijl het bedrag voor werkloosheidsuitkeringen daalde naar 5,7 miljard euro, steeg de factuur voor arbeidsongeschikten sterk. Speciale regimes zoals moederschapsverlof niet meegerekend, kostten zieke werknemers dit jaar 6,4 miljard euro belastinggeld.

Volgens cijfers van de Rijksdienst voor Ziekte en Invaliditeitsverzekering (RIZIV) zitten er 335.000 Belgen al meer dan een jaar thuis door ziekte. Dat aantal is in sneltempo aan het groeien, en kost steeds meer geld: in 2015 was dat 6,4 miljard euro, 400 miljoen meer dan het jaar ervoor. Tegen 2018 zou dat bedrag oplopen naar 7,8 miljard euro.

Verontrustend is de grote groep jongere werknemers die ziek wordt. In de laatste tien jaar werden 30 procent meer mannen onder de 50 langdurig ziek. Bij vrouwen is dat zelfs 60 procent.

Minister van Volksgezondheid Maggie De Block (Open VLD) noemt de trend "problematisch". "Deze evolutie betekent een extra factuur van 1,8 miljard euro tussen 2014 en 2019", zegt ze in De Tijd. "Ook de menselijke kostprijs is hoog: het is wetenschappelijk bewezen dat thuiszitten niet goed is voor patiënten."

Het probleem is volgens De Block dat het vandaag "alles of niets is": je bent arbeidsgeschikt of arbeidsongeschikt. "Er zit niets tussen." De minister zegt een plan klaar te hebben om dat op te lossen, maar er is binnen de regering nog geen overeenkomst over de manier waarop werkgevers en werknemers moeten worden aangespoord.