Tusk:"Twee maanden om migratiebeleid rond te krijgen"

De Europese Unie heeft nog welgeteld twee maanden om haar migratiebeleid op orde te krijgen. Zoniet vreest Europees president Donald Tusk dat het voortbestaan van de Schzengenzone in het gedrang komt. Hij heeft dat gezegd in het Europees Parlement.

"De Europese top van staatshoofden en regeringsleiders, op 17 en 18 maart, zal de laatste gelegenheid zijn om te zien of onze strategie werkt", zegt Tusk. "Zoniet zullen de gevolgen zwaar zijn."

De toevloed aan migranten die vorig jaar exponentieel toenam, stelt de Europese Unie danig op de proef. Enerzijds is gebleken dat de zogenoemde Dublinverordening niet meer werkbaar is, waarbij bepaald wordt dat asielzoekers asiel moeten aanvragen in de EU-lidstaat waar ze het eerst toekomen. Omdat vooral Italië en Griekenland de toestroom niet meer aankonden en de vluchtelingen op den duur gewoon doorstuurden naar andere lidstaten, kwam ook het Schengenverdrag in het gedrang die het vrije verkeer van mensen in de lidstaten mogelijk maakt.

De zuidelijke lidstaten waren misnoegd over het gebrek aan solidariteit van de andere lidstaten, terwijl in landen van bestemming als Duitsland de roep om de grenzen te sluiten alsmaar luider weerklinkt.

Beslissingen niet toegepast

De Europese staatshoofden en regeringsleiders hebben verschillende keren over de migratiecrisis bijeen gezeten, maar lijken er maar niet in te slagen een coherent beleid te voeren. Iedereen kijkt naar iedereen en vindt in de eerste plaats dat de ander niet genoeg doet, wat aangegrepen wordt als argument om zelf ook op de rem te gaan staan.

Zo is er een akkoord om meer dan 120.000 vluchtelingen over alle lidstaten te spreiden (vorig jaar zijn in totaal iets meer dan een miljoen vluchtelingen aangekomen,nvdr.), maar in de praktijk blijken nog maar enkele tientallen vluchtelingen te zijn hervestigd. Vooral in Oost-Europa weigeren een aantal landen gewoon vluchtelingen op te nemen.

Anderzijds is er ook een akkoord om meer middelen vrij te maken voor Frontex, dat de Europese buitengrenzen beter moet gaan bewaken, maar ook hier blijken de zakken van veel lidstaten vooral goed dichtgenaaid.

Ook de beslissing om in onder meer Italië en Griekenland een reeks hotspots op te richten, is voor het grootste deel dode letter gebleven. De reden: regelrechte onwil of te weinig middelen. In die hotspots moeten vluchtelingen worden geregistreerd en zij die voor asiel niet in aanmerking komen, moeten onmiddellijk worden teruggestuurd.

Veel beslissingen en beloften dus, waarvan uiteindelijk weinig of niets is uitgevoerd. De vluchtelingenstroom blijft wel aanhouden en steeds meer lidstaten kunnen niets anders meer bedenken dan de eigen grenzen fysiek te sluiten of opnieuw grenscontroles in te voeren.