"Lat voor euthanasie bij ondraaglijk psychisch lijden moet hoger"

De lat voor euthanasie bij ondraaglijk psychisch lijden moet hoger. Dat zegt psychiater Joris Vandenberghe (KU Leuven) in "Terzake". Hij pleit er ook voor om de minimale termijn tussen de aanvraag en de uitvoering op te trekken.

In "Terzake" getuigden vanavond de zussen van Tine Nys, die in april 2010 euthanasie kreeg op basis van ondraaglijk psychisch lijden. Haar familie heeft nog steeds vragen bij de manier waarop die verlopen is en spreken van "amateurisme". Zo kreeg Tine twee maanden voor haar dood na nieuwe testen te horen dat ze aan autisme leed, maar werd er geen andere behandeling voorgesteld.

"Hier word ik heel stil van", reageert Vandenberghe in de studio van het Canvas-programma. "Ik ben zeker geen tegenstander van de wet op euthanasie bij ondraaglijk psychisch lijden, maar dit komt wel hard binnen. Ik vrees dat dit geen alleenstaand geval is. En dat is echt wel zorgwekkend."

Een van de voorwaarden om in aanmerking te komen voor euthanasie is onder meer "medische uitzichtloosheid". "De meesten denken dat dat gaat over hoe de patiënt zich voelt, maar dat klopt niet. Het gaat er om of wel alles geprobeerd is om de patiënt te genezen. Maar hoe weet je zeker dat iemand geen enkel perspectief meer heeft? Dat is bij een psychiatrische aandoening zeer moeilijk te voorspellen."

Sowieso moet de minimale termijn tussen de aanvraag en de uitvoering langer, vindt de psychiater. "In de wet staat dat dat een maand moet zijn, maar mijn ervaring leert dat een jaar al vrij kort is. De lat moet alleszins hoger."