"Sluit u aan bij de strijd, het is nog niet te laat"

Meer dan 50 slachtoffers van seksueel misbruik in de katholieke Kerk lanceren een gezamenlijke oproep aan andere slachtoffers om een klacht in te dienen. Ze doen dat via een open brief in De Standaard.
AP2013

De brief is gericht aan alle slachtoffers van seksueel misbruik in de Kerk. Ze worden aangemoedigd om net als de ondertekenaars een klacht in te dienen. "Wij roepen deze mensen op om er werk van te maken en een klacht in te dienen, zowel tegen de toenmalige daders, levend of overleden, als tegen de kerkelijke hiërarchie die op dat ogenblik het gezag over deze daders voerde, mochten er aanwijzingen zijn dat die kerkelijke hiërarchie hiervan op de hoogte was en niets ondernam om deze ravage te doen stoppen."

De afgelopen vier jaar hebben zich 1.064 slachtoffers van seksueel misbruik in de kerk gemeld bij de verschillende instanties. Maar dat is lang niet iedereen. Volgens de werkgroep Mensenrechten in de Kerk zijn bij hen een duizendtal verhalen van slachtoffers bekend, maar slechts de helft van hen heeft de stap gezet naar de bevoegde instanties. "Het historisch seksueel misbruik in de Kerk is nog lang niet helemaal in kaart gebracht", zegt Rik Devillé van de werkgroep in De Standaard.

De open brief komt er enkele dagen voor de uitspraak in een groepsvordering van slachtoffers van seksueel misbruik tegen het Vaticaan en de Belgische Kerk. 39 slachtoffers, vertegenwoordigd door advocaten Walter Van Steenbrugge en Christine Mussche, willen dat zij aansprakelijk worden gesteld voor "doofpotschade". De slachtoffers kregen ongelijk in eerste aanleg. Het nieuwe arrest valt normaal gezien op 25 februari.

Sneer naar bisschoppen

De manier waarop de advocaten van de Belgische bisschoppen dat proces voeren, is pijnlijk voor de slachtoffers, luidt het in de open brief. Ze zouden hun verantwoordelijkheid willen ontlopen. "De manier waarop de Belgische kerkelijke hiërarchie zich bij de rechter verdedigt betreffende de klacht van 39 slachtoffers voor het schuldig verzuim van hun kerkelijke oversten ten tijde van het misbruik, is zo pijnlijk voor de slachtoffers dat wij ons verplicht voelen deze pijn openbaar te maken."

De briefschrijvers zijn ook kritisch voor de procedures. "In deze procedure (om erkend te worden en schadevergoeding te krijgen, red.) werd ons verplicht, wilden wij erkenning voor het gepleegde misdrijf bekomen, hierover verder te zwijgen. Ze hebben ons verplicht de naam van de dader te verzwijgen. Maar nooit kan iemand ons verplichten onze eigen naam niet te noemen."

"Sluit u aan om deze "goede strijd te strijden en de wedloop te volbrengen" (2 Tim. 4,6) nu het nog kan. Het is nog niet te laat. Hebt u onderweg ondersteuning nodig? U kunt altijd op ons een beroep doen", zo eindigt de oproep.

Stephan Houtman getuigt in "Het Journaal"