Vakbonden samen naar Grondwettelijk Hof tegen optrekken pensioenleeftijd

ACLVB, ACV en ABVV stappen naar het Grondwettelijk Hof tegen de verhoging van de wettelijke pensioenleeftijd tot 67 voor werknemers, ambtenaren en onderwijzend personeel. In één beweging vechten ze ook de verstrenging van het vervroegd pensioen en de optrekking van de leeftijd voor het overlevingspensioen aan.

Volgens de drie grote vakbonden is sprake van een "substantiële achteruitgang van het recht op sociale zekerheid zoals gegarandeerd in de grondwet". Bovendien zijn de pensioenhervormingen discriminerend, aangezien vrouwen veel harder getroffen worden.

"Puur ideologisch werd deze maatregel doorgedrukt zonder enige impactanalyse noch op de sociale zekerheid noch op de mensen. Alternatieven, zoals bijkomende financiering, nochtans voorgesteld door de expertencommissie, werden niet in overweging genomen", hekelen ACV, ACLVB en ABVV. "Vrouwen worden bovendien nog harder getroffen. Door hun kortere loopbanen wordt de toegang tot het vervroegd pensioen voor velen onmogelijk gemaakt."

"We willen pensioenleeftijd die haalbaar is"

Concreet trok de regering-Michel de wettelijke pensioenleeftijd op van 65 naar 67. De toegangsvoorwaarde voor het vervroegd pensioen werd op 42 jaar gebracht. Een stuk langer dus dan de gemiddelde loopbaan van 36,6 jaar bij vrouwen, aldus de bonden. "Discriminaties op de arbeidsmarkt, worden herbevestigd in de pensioenreglementering. Vrouwen betalen dus twee keer de prijs."

De vakbonden eisen "een serieuze en globale aanpak van de pensioendiscussie, waarbij rekening gehouden wordt met de realiteit en met een goede sociale bescherming als uitgangspunt". Ze willen "een pensioenleeftijd die haalbaar is, waardige pensioenen voor iedereen en een bijkomende financiering van de sociale zekerheid".