Pilootprojecten voor korter ziekenhuisverblijf na bevalling

Binnenkort starten zeven pilootprojecten waarbij pas bevallen vrouwen sneller het ziekenhuis zullen verlaten en thuis verder verzorgd worden. Dat weet het medisch vakblad De Specialist en zegt minister van Volksgezondheid Maggie De Block (Open VLD) ook aan VRT Nieuws. Nu blijft een vrouw na haar bevalling gemiddeld vier dagen in het ziekenhuis. Bij de proefprojecten zou dat nog twee of drie dagen zijn en zou de kersverse moeder voor de rest thuis verzorgd worden.
AP2007

Er loopt al een tijd een discussie over hoelang pas bevallen vrouwen in het ziekenhuis moeten blijven. Het zou in elk geval korter moeten kunnen als er thuis voldoende zorg voorzien wordt. En dat is precies waar minister De Block mee wil experimenteren.

"Er worden nu zeven pilootprojecten gelanceerd, waarbij men een betere begeleiding gaat geven van voor de geboorte tot een tijd na de geboorte. Het gaat om multidisciplinair werken: met eerstelijnszorg, Kind en Gezin, vroedvrouwen... De moeder zal op een andere manier begeleid worden dan enkel de paar dagen in het ziekenhuis", aldus De Block in "De ochtend" op Radio 1.

Concreet zullen zwangere vrouwen die willen meedoen aan het project - en voor wie de artsen een risicoloze bevalling verwachten - verder thuis begeleid en opgevolgd worden door vroedvrouwen, gynaecologen, pediaters en huisartsen. "Hoe meer de projecten een beroep kunnen doen op zorgverleners uit verschillende beroepsgroepen die allemaal een belangrijke band hebben met de patiënten, des te groter de slaagkansen van de projecten", zegt De Block.

Vroedvrouwen beter vergoed

Dankzij de projecten "bevallen met verkort ziekenhuisverblijf" kan de minister ook verdergaan met de hervorming van de ziekenhuisfinanciering. Al is het -zeker op korte termijn- geen besparing

"Om te besparen, zouden er afdelingen in ziekenhuizen moeten gesloten worden. Dat is nu niet het geval. Het geld dat nu naar ziekenhuizen gaat, zal dan naar vroedvrouwen gaan. Zij zullen dus beter vergoed moeten worden", klinkt het.

De projecten lopen twee jaar. Daarna gaat minister De Block bekijken wat er op bredere schaal kan worden ingevoerd.

"Neuzen van alle zorgverstrekkers in dezelfde richting krijgen"

Een van de geselecteerde pilootprojecten is dat van Leuven, waar het UZ, het Heilig Hartziekenhuis en het kraamexpertisecentrum De Bakermat zullen samenwerken. Zij verwachten het eerste jaar zo'n 2.000 vrouwen te kunnen begeleiden in de projecten, zowat de helft van de bevallingen.

"Wij willen vooral de neuzen van alle betrokken zorgverstrekkers in dezelfde richting krijgen om samen aan het afgesproken zorgpad te werken. Op die manier zal de mama - ongeacht waar ze is- net dezelfde zorg krijgen", legt Anne Dedry van De Bakermat uit in "De ochtend".

"De zorg die nu in het ziekenhuis gebeurt - alles - doen we identiek met vroedvrouwen, kraamverzorgers en huisartsen thuis. Als het geen gecompliceerde bevalling is, kan de mama al rustig naar huis op dag twee of drie."

Bij het Leuvense project zullen alle zorgverstrekkers samenwerkingsovereenkomsten maken, zodat iedereen weet wat hij op welke dag moet doen. De kersverse moeder zou zelf zo weinig mogelijk regelingen moeten treffen.