VN levert voor het eerst hulp vanuit de lucht in Syrië

De Verenigde Naties hebben voor de eerste keer hulpgoederen geleverd in Syrië vanuit de lucht. Er werden hulppakketten gedropt voor de bevolking van Deir Al-Zour, een stad in het oosten van Syrië die belegerd wordt door IS.

"Het wereldvoedselprogramma heeft 21 ton aan goederen gedropt", verklaarde directeur Stephen O'Brien aan de Veiligheidsraad. Volgens de eerste berichten zou de missie geslaagd zijn en hebben de hulpgoederen "het beoogde doel" bereikt.

In Deir al-Zour, een stad in het oosten van Syrië op ongeveer 450 kilometer van de hoofdstad Damascus, leven ongeveer 200.000 mensen. Delen van de stad, inclusief de militaire luchthaven, zijn nog in handen van het Syrische regime, maar IS controleert het westen van de stad en de ruime omgeving. Toegang tot de stad is haast onmogelijk. Volgens de VN heerst in Deir al-Zour een humanitaire crisis, bij gebrek aan voedsel, elektriciteit en gezondheidszorg.

Het is de eerste keer dat de VN een beroep doet op leveringen van humanitaire goederen vanuit de lucht, in plaats van over de weg. Eerder werd dat uitgesloten wegens te complex en te gevaarlijk. Volgens O'Brien was de luchthulp nodig voor Deir al-Zour, maar kan het slechts in hoogste nood.

De VN schat dat in Syrië zo'n 4 miljoen mensen in moeilijk bereikbare gebieden leven. 480.000 van hen wonen in steden die belegerd worden door ofwel het Syrische leger ofwel rebellen. In beide gevallen is het erg moeilijk, om humanitaire hulp ter plaatse te krijgen.

Vorige week konden hulpkonvooien de door rebellen bezette steden Muadhamiya, Madaya en Zabadani, bij Damascus, bereiken, net als de noordelijke steden Foah en Kefraya, gecontroleerd door het leger.