Rechter is streng voor "Bottinekes" én psychiaters

De rechter is streng voor de "Bottinekes" én de psychiaters, besluiten de journalisten Caroline Van den Berghe en Dirk Leestmans met het vonnis in de hand. Zij maakten de documentaire van Panorama die de zaak in de openbaarheid bracht. Ze hopen dat er nu zelfkritiek komt.
analyse
Analyse
Aansturen van de 'analyse' teaser o.a. op de home pagina en 'analyse' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'analyse' overzichtspagina

Dirk Leestmans en Caroline Van den Berghe zijn journalisten bij VRT Nieuws gespecialiseerd in gerechtelijk nieuws. Zij maakten de ophefmakende documentaire ‘De gestoorde procedure’ voor Panorama.

Gisteren deed de Antwerpse rechtbank opnieuw uitspraak in de zaak van Jonathan Jacob. Ze deed dat in juni 2015 ook al maar omdat de verdediging van zowel het BBT - de "Bottinekes" - als de psychiatrie toen verstek gaven moest de zaak overgedaan worden.

Het tweede vonnis bevestigt in grote lijnen het eerste maar is op een aantal cruciale punten nog meer uitgewerkt. De rechters beantwoorden nu immers uitgebreider de argumenten van de verdediging. 

Beelden

Voor alle duidelijkheid: de rechters bevestigen de conclusie dat Jonathan Jacob overleed als gevolg van het gebruikte geweld van het BBT. Daarmee worden ook de rapporten van wetsgeneesheer Jacobs bevestigd. In een tegenexpertise én in een stelling van toenmalig procureur Dams werd geopperd dat de lever van Jonathan Jacob buitensporig groot was en daardoor voorbestemd om te scheuren.

Bovendien, zo zei de advocaat van het BBT, verwondde Jonathan Jacob zichzelf in de cel. Niets van, zegt de rechtbank. Er waren tot de komst van het BBT geen incidenten in de cel die de scheur van de lever konden veroorzaken. De rechtbank liet ook de camerabeelden minutieus ontleden en kwam opnieuw tot de conclusie dat de dood van Jonathan Jacob enkel het gevolg is van het foutief handelen van het BBT.

De rechtbank stelt dat men te maken had met een naakte man (!) die het laatste halfuur vooral tegen de achterzijde van de cel stond.

"Daarenboven bevond Jonathan Jacob die al de hele dag had laten blijken dat hij niet wou opgesloten worden (laat staan meegebracht in een krappe ruimte zoals een politiecel) en die bijzonder opgewonden werd wanneer een opsluiting nog maar ter sprake kwam zich al enige tijd in een kleine politiecel zonder informatie, zonder drank en zonder dat hij werd geïnformeerd over zijn lot. Wanneer men in die omstandigheden opteert voor een gestoorde procedure, uitgevoerd door zeven mensen die zich volgens hun eigen verklaringen allen hebben bezig gehouden met het fysiek overmeesteren van de betrokkene, dan riskeert men dat het target zich nog meer bedreigd zal voelen wat mogelijk resulteert in een verhoogde vorm van verzet, met alle risico’s vandien. De mogelijkheid dat men bij toepassing van dergelijke procedure een onopzettelijk letsel (met fataal gevolg) zou kunnen toebrengen, was te voorzien."

Het is bijzonder duidelijke taal. En het houdt niet op.

Welk nut had het geweld?

"Tevens rijst de vraag waarom men voor een verrassingseffect (het werpen van een negenknaller zonder voorafgaandelijke verwittiging, gevolgd door een inval in de cel met zeven gemaskerde mannen gekleed in een donker uniform) gepaard gaande met geweld heeft geopteerd, in plaats van eerst voor een voorafgaande poging tot communicatie te kiezen. De vraag stelt zich welk nut een dergelijk verrassingseffect had, nu dit enkel maar tot gevolg had dat de betrokkene zich nog meer bedreigd voelde. Uit de gegevens van het strafdossier blijkt niet dat de beklaagden zich vooraf over andere hypotheses dan het gebruik van geweld hebben beraden."

De rechtbank zegt dat geweld kan maar dan moet het wel noodzakelijk zijn (en dus moeten politiemensen eerst voor de minst gewelddadige oplossing kiezen).

Striemende woorden

Geweld moet ook altijd redelijk en in verhouding zijn en er moet ook eerst een waarschuwing gegeven worden. Het volstaat ook niet zondermeer een opdracht uit te voeren.

"Van normaal zorgvuldige BBT-leden die de opdracht kregen om een geagiteerde persoon in bedwang te houden teneinde hem een kalmerende injectie te laten toedienen, mag immers verwacht worden dat zij de hen opgedragen opdracht niet blindelings uitvoeren, maar dat zij, in functie van de concrete omstandigheden (plaatsgesteldheid, situatie van de betrokkene, graad van agitatie, voorafgaande gebeurtenissen, …) vooraf een afweging maken tussen verschillende opties om de opdracht uit te voeren."

De rechtbank zegt dan ook in de lijn van de conclusies van het rapport van het Comite P (controleert politiediensten) dat

"de beslissing om een bijzondere eenheid in te schakelen, geenszins een vrijgeleide inhoudt voor deze bijzondere eenheid om te handelen op een wijze die geen rekening houdt met de principes van wettelijkheid, proportionaliteit en subsidiariteit."

Het zijn striemende bewoordingen. En de rechtbank geeft voor wie zich aangesproken moet voelen ook nog dit mee:

"Het gegeven dat voormelde BBT-leden goede evaluaties kregen en gewaardeerd worden door hun korpsleden en -oversten, neemt het voorgaande niet weg."

Toch, zo zegt de rechtbank, heeft het BBT zijn verantwoordelijkheid genomen maar:

"helaas was de door hen gekozen uitvoeringswijze niet in overeenstemming met het gedragspatroon van een normaal zorgvuldige bijzondere eenheid in dezelfde concrete omstandigheden geplaatst, en werden er inschattingsfouten -met dramatische gevolgen- gemaakt."

Deze scherpe rechterlijke veroordeling van politiegeweld zal aandachtig gelezen moeten worden in politiemiddens. Dat uitgerekend vandaag het BBT in Het Laatste Nieuws zegt dat hen niets te verwijten valt en ze exact hetzelfde opnieuw zouden doen, doet het tegendeel vermoeden.

Psychiatrie

Maar de rechtbank is zo mogelijk nog strenger voor de psychiatrie. Zowel de psychiater als de (inmiddels) ex-directeur stonden terecht.

Hen wordt nalatigheid verweten.

"Van een normaal en zorgvuldig arts resp. directeur van een psychiatrische instelling mag men immers verwachten dat zij er alles aan gedaan zouden hebben om Jonathan Jacob, die duidelijk dringende medische hulp nodig had, in een medische setting (zoals een psychiatrische instelling) te houden."

En dat gebeurde dus niet. Tot tweemaal werd Jonathan Jacob geweigerd omwille van zijn agressiviteit. Maar dat argument overtuigt de rechtbank niet.

"Van beide beklaagden mag verondersteld worden dat zij over de nodige intellectuele en sociale vaardigheden beschikten om de ernst en het acuut karakter van de situatie te kunnen inschatten, alsook om te beseffen dat Jonathan Jacob niet als een relschopper maar wel als een patiënt diende behandeld te worden en dat een cel in een politiecommissariaat de laatste plaats was waar Jonathan Jacob gezien zijn hulpbehoevende toestand moest ondergebracht worden."

Het verweer van de psychiater dat de agressie van Jonathan Jacob dermate extreem was dat er zelfs gevaar dreigde voor het eigen personeel, wordt verworpen.

"Het personeel van de instelling wordt geacht te kunnen omgaan met agressieve en gewelddadige personen."

Hond

En wat mensen alleen niet kunnen, kan met de hulp van een hond misschien wel, zo zegt de rechtbank. Te meer omdat Jonathan Jacob ook niet voortdurend agressief was maar onderhevig aan stemmingswisselingen. Bij momenten was hij dus wel aanspreekbaar.

"Men had dan ook hulpmiddelen kunnen aanwenden om Jonathan Jacob naar een kamer in de gesloten afdeling te leiden, zoals een gesprek met hem hebben om hem te kalmeren en hem te overreden, desnoods in combinatie met de hond."

De rechtbank komt dan ook tot het besluit dat zowel de psychiater als de ex-directeur "nalatig zijn geweest bij de bejegening van Jonathan Jacob, en dat zij, in vergelijking met een normaal zorgvuldig directeur en psychiater in dezelfde omstandigheden geplaatst, te snel hebben beslist dat hij niet kon opgenomen worden."

Zelfkritiek?

Wat geldt voor de politie, geldt ook voor de psychiatrie: men zou er goed aan doen dit vonnis aandachtig te lezen.

Het is een bijzondere strenge veroordeling, zeer zeker, maar wel degelijk onderbouwd. De logica en de argumenten van de rechtbank kunnen niet zonder meer opzij geschoven worden. Dat sommige personeelsleden gisteren in grote getale aanwezig in de zittingszaal luidop uiting gaven aan hun ongenoegen, is niet alleen een blijk van een gebrek aan respect maar misschien vooral ook een blijk van een gebrek aan zelfkritiek.

Toekomst?

Sinds de zaak Jonathan Jacob zijn er op het terrein tal van initiatieven genomen om dit soort drama’s te voorkomen. Dat is op zich erg positief maar minstens impliciet bewijst het natuurlijk ook wel dat er in de zaak van Jonathan Jacob tal van dingen verkeerd gelopen zijn.

En voor wie daaraan nog zou twijfelen is er nu het 90 pagina’s tellende vonnis.

"Iedereen kan fouten maken, ook wij."

Zo zei de rechter in opvallende ja zelfs wat emotionele bewoordingen op het einde van haar betoog, "Maar sommige fouten hebben nu eenmaal strafrechtelijke consequenties. Vandaar deze veroordeling."

En tot de familie van Jonathan Jacob zei ze:

"We zouden willen dat dit het eindvonnis is in deze zaak. Maar ik vrees dat het einde van deze procedure nog niet voor morgen zal zijn."

De zaak Jonathan Jacob, zes jaar na de feiten en twee vonnissen later zijn we er dus nog altijd niet.