Umberto Eco krijgt toch plaats in expo "Utopia"

Het recente overlijden van de Italiaanse schrijver Umberto Eco is een streep door de rekening van de organisatoren van een Leuvense tentoonstelling rond het boek "Utopia" van Thomas More. Umberto Eco had eerder toegezegd om als curator op te treden van een van de zalen van de tentoonstelling eind 2016. Er is nu beslist om Eco toch "op een mooie manier aanwezig te laten zijn".
©Leonardo Cendamo/Leemage

Umberto Eco is vorige week op 84-jarige leeftijd overleden. De schrijver van "De naam van de roos" had voor zijn overlijden ingestemd om een expo in Leuven te cureren.

"De tentoonstelling draait rond de figuur van Thomas More, zijn werk en de literaire naweeën van zijn "Utopia". Met Umberto Eco was afgesproken dat hij in de slotzaal van de tentoonstelling een aantal utopische manuscripten uit zijn bibliotheek zou tonen, die hij ook persoonlijk verder zou duiden", meldt professor en coördinatrice van de tentoonstelling Marleen Reynders.

"Alhoewel hij er ons enkele maanden terug nog voor had gewaarschuwd dat zijn hoge leeftijd hem parten zou kunnen spelen, had hij toch de vaste wil om naar Leuven te komen voor dit project."

De organisatoren denken momenteel na op welke manier er in het kader van de tentoonstelling toch een mooi eerbetoon kan gegeven worden aan de figuur van Eco, die in de jaren 80 een eredoctoraat kreeg aan de KU Leuven.

"Ik kan er momenteel nog weinig concreets over kwijt, maar we zullen vooral zijn relatie met de utopische literatuur uitdiepen. Ik denk hierbij vooral aan een van zijn laatste boeken 'Imaginaire landen en plaatsen', dat perfect aansluit bij het opzet van de tentoonstelling rond Thomas More", aldus Reynders.

De tentoonstelling in de Universiteitsbibliotheek van de KU Leuven kadert in een festival dat de stad Leuven samen met de KU Leuven dit najaar organiseert naar aanleiding van de 500e verjaardag van het verschijnen Thomas Mores "Utopia".

Het boek rolde op 16 december 1516 voor het eerst van de persen in de toenmalige drukkerij van Dirk Martens, op de hoek van de Naamse- en Standonckstraat in Leuven.