China schrapt 1,8 miljoen banen in kolen- en staalindustrie

China is van plan 1,8 miljoen banen te schrappen in de kolen- en staalindustrie. Dat hebben de autoriteiten bekendgemaakt. Bedoeling is de overcapaciteit in de industrie te verminderen. Toch zet de overheid opnieuw in op meer economische groei.
Een steenkoolcentrale in Beijing.

China kampt al lange tijd met een overcapaciteit in de staalindustrie, onder meer door het vertragen van de economie in eigen land. De voorbije jaren probeerden de Chinezen het teveel aan staal op de internationale markten kwijt te raken tegen dumpingprijzen, maar dat leidt tot alsmaar meer protest, onder meer van de staalindustrie in Europa die zegt dat zijn voortbestaan in gevaar is. Volgens een rapport van de EU Kamer van Koophandel in China is de overcapaciteit in de Chinese staalindustrie gestegen van 132 miljoen ton in 2008 naar 327 miljoen ton in 2014.

Ook de Chinese kolenindustrie staat onder druk. De luchtvervuiling door het verbranden van steenkool weegt steeds meer door op de politieke agenda, waardoor China meer inzet op groene energie.

De kolen- en staalindustrie stellen 12 miljoen arbeiders te werk. Door de capaciteitsvermindering zouden 1,3 mensen in de kolenindustrie en 500.000 in de staalindustrie hun job verliezen. Dat is 15 procent van het totale personeelsbestand. "We staan voor een moeilijke opdracht, maar blijven vol vertrouwen", verklaarde minister voor personeelsbeleid en sociale zekerheid Yin Weimin. De overheid heeft 100 miljard yuan (14 miljard euro) opzijgezet om de arbeiders ander werk te bezorgen. De autoriteiten proberen zo sociale onrust door de massale ontslagen te vermijden.

Een termijn voor de afdankingen is er niet, maar de overheid gaf deze maand te kennen de capaciteit van de staalproductie met 100 tot 150 miljoen ton te willen verminderen binnen drie tot vijf jaar. Voor de kolenproductie gaat het om een vermindering met 500 miljoen ton.

Blijven inzetten op groei

In een poging om de vertragende economische groei opnieuw aan te wakkeren, maakt de overheid intussen meer geld vrij op de financiële markten door de reserves die de Chinese banken moeten aanhouden met een half procent te verminderen.

De grootste banken zullen voortaan 17 procent van hun deposito's als reserve moeten aanhouden. Dat is nog altijd een van de hoogste niveaus in de hele wereld. In oktober vorig jaar waren de vereisten voor de hoogte van de reserves al eens met een half procent gedaald.

De Chinese premier Li Keying zei vorige vrijdag dat hij ervan overtuigd is dat ondanks de tragere economische groei (6,9 procent vorig jaar) en de recente strubbelingen op de financiële- en aandelenmarkten China "het potentieel, de weerbaarheid en de flexibiliteit heeft om de economische uitdagingen aan te pakken".