Republicans, "United we stand, divided we fall"

De kiescampagne in de Verenigde Staten verloopt niet zoals de top van de Republikeinse partij had gehoopt. Niet alleen het fenomeen Donald Trump zit de partijleiders dwars, maar ook de steeds grotere verdeeldheid die de Grand Old Party (GOP) dreigt te verscheuren.
AP2009

Donald Trump loopt al maanden als een olifant door de porseleinkast van de Republikeinse partij. Laat de olifant nu toevallig het symbool zijn van de partij, Trump is zeker niet de voorkeur van de partijleiding. Met zijn rauwe uitspraken, nauwelijks iets dat op een programma lijkt en de voortdurende media-aandacht verdeelt Trump meer dan dat hij verenigt en stuurt hij de zorgvuldig geplande kiescampagne van de Grand Old Party (GOP) danig in de war.

Trump drijft op woede, frustratie, afkeer van de politiek, en vooral op de meer dan ooit opflakkerende haat van veel Republikeinse kiezers tegenover het establishment, zowel het politieke establishment in Washington als het economische in Wall Street en bovendien ook het establishment van de Republikeinse partij zelf, die verweten wordt dat ze geen voeling heeft met de achterban.

Dat klopt natuurlijk voor een deel, want wat hebben de doorgaans rijke en goedopgeleide topfiguren van de GOP nu gemeen met de grote massa van hun kiezers? Het is bovendien ironisch dat "rijkaard" Trump natuurlijk ook tot die opperkaste behoort waartegen hij zo graag tekeergaat.

Veel Republikeinen hebben nooit de verkiezing van de zwarte Democraat Barack Obama in 2008 en 2012 verteerd en richten hun woede vooral op de "Obamacare", de ziekteverzekering als grootste symbool. Dat de Republikeinse Congresleden dat niet hebben kunnen verhinderen en te "soft" zijn, wordt hen nu door de conservatieve vleugel met de Tea Party voorop, zwaar aangerekend.

Vier fracties verscheuren de partij

Meer dan twee derde van de Republikeinse kiezers beschouwt zich in meer of mindere mate als "conservatief". Dat was ooit anders en bovendien zijn er heel wat gradaties in.

In totaal onderscheiden analisten vier grote strekkingen binnen de GOP. De grootste -zowat 35 tot 40%- wordt vaagweg omschreven als "somewhat conservative", zonder uitschieters naar links of rechts; mensen die stabiliteit boven alles plaatsen. Zij leunen het meest aan bij het partijestablishment. De voornaamste presidentskandidaten van de GOP komen dan ook uit hun groep: Bob Dole in 1996 en George W. Bush in 2000, Jeb Bush en Marco Rubio nu.

Het zal u verbazen, maar "gematigde conservatieven" en "liberals" vormen de tweede fractie met ongeveer 25 tot 30% van de GOP-kiezers. Zij komen vooral uit het meer progressieve noordoosten (New England), New York maar ook uit Californië, Oregon en Illinois. De vroegere burgemeester van New York City Rudy Giuliani en het zelfverklaarde "buitenbeentje" John McCain halen bij hen de meeste mosterd.

De derde, maar meest rumoerige groep vormden de erg conservatieve en evangelische Republikeinen die vooral ethische en culturele kwesties op de agenda plaatsen, God opnieuw in de maatschappij willen brengen en een afkeer hebben van abortus en het homohuwelijk.  Zij staan vooral sterk in het Zuiden, de Midwest en de staten in de Rocky Mountains. In die groep passen Mike Huckabee, Pat Robertson en ook Ted Cruz rekent vooral op hen.

De kleinste groep, maar wel erg invloedrijk zijn erg conservatieve, maar seculiere Republikeinen zoals de magnaten Stephen Forbes en Mitt Romney. Voor hen primeert fiscaal en economisch beleid.

Het rommelt in de partij

Om de nominatie van de Republikeinse partij binnen te halen, moet een kandidaat niet enkel in zijn eigen fractie, maar ook in de meeste andere scoren en dus moeten er compromissen worden gesloten. Het is net dat laatste waar het nu bij de Republikeinen aan schort.

De verdeeldheid bleek al uit het grote aantal kandidaten binnen de GOP, bijna twintig bij het begin van de kiescampagne. Maar bovendien is er een enorme hetze aan de gang van de erg conservatieve achterban tegen het partijestablishment. Dat verklaart de opkomst van Trump en de zwarte neurochirurg Ben Carson, die zeker niet de zegen van de partijleiding meedragen. Anderzijds kwam Jeb! (foto in tekst) er dan weer niet aan te pas en dat ondanks (of misschien net door) de steun van de partijtop en de Bush-machinerie.

De erg conservatieve "grass roots" Tea Party fulmineert echter al langer tegen de "te mak" bevonden Congresleden van de partij. Bij de voorbije verkiezingen probeerde die populistische Tea Party om zittende Congresleden te vervangen door radicale kandidaten. De partijleiding ziet dat uiteraard niet graag, ook al omdat een meer centrumgezinde kandidaat meer kans heeft om in zijn of haar district te winnen van een Democraat. De roes naar "conservatieve ideologische zuiverheid" kan de Republikeinen stemmen, zetels en misschien ook het Witte Huis kosten, los van het feit dat het de machtsstrijd binnen de partijleden tot een hoogtepunt drijft.

Klieken verscheurden de Federalistische partij

Volgens de invloedrijke analist John Zogby dreigen de spanningen nu zodanig op te lopen dat de Republikeinse partij uit elkaar dreigt te scheuren, net zoals eerder gebeurde met de Federalistische partij. Die partij was in 1788 de drijvende kracht achter de VS-grondwet, die echte federale instellingen zoals het presidentschap, het Congres en het Hooggerechtshof instelde.

Onder minister van Financiën Alexander Hamilton waren de Federalisten tien jaar lang de drijvende kracht in de VS. George Washington was hen genegen en met John Adams (1797-1801, schilderij in tekst) hadden ze hun enige president. De partij was pro-Brits tegenover Frankrijk en stond voor een sterk centraal gezag, maar was vooral een club van bankiers en zakenlui, waardoor ze voeling verloor met de gewone Amerikanen.

De dood van Hamilton in een duel, interne ruzies, het elitaire karakter, het terugplooien op het noordoosten en de dubbelzinnige houding in de oorlog tegen de Britten in 1812 deden de Federalistische partij uiteenvallen tegen 1820. Haar erfenis, de federale structuur, is wel de basis van de VS gebleven. De huidige Republikeinen mogen dan wel ideologisch tegengesteld zijn aan de Federalisten, maar ze dreigen wel in dezelfde val te lopen.