Veiligheidsraad verscherpt sancties tegen Noord-Korea

De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties heeft unaniem nieuwe sancties tegen Noord-Korea goedgekeurd, de strengste sancties die in 20 jaar tegen het land genomen zijn. Dat is een reactie op een Noord-Koreaanse kernproef van 6 januari, en een test met een ballistische raket.
Copyright 2016 The Associated Press. All rights reserved. This material may not be published, broadcast, rewritten or redistributed without permission.
De Veiligheidsraad keurde unaniem de strengere sancties goed.

De nieuwe sancties bepalen dat de lading van alle schepen en vliegtuigen die van Noord-Korea komen of er naar toe gaan, gecontroleerd moet worden, er komt een verbod op de verkoop of levering van handwapens, en 12 Noord-Koreaanse maatschappijen en 16 personen, onder wie de Noord-Koreaanse handelsvertegenwoordigers in Syrië, Iran en Vietnam, komen op de zwarte lijst. Ook komen er nieuwe beperkingen op de export van Noord-Korea zodat het regime minder geld heeft om zijn militaire programma's uit te voeren.

Over de nieuwe sancties is zeven weken lang onderhandeld tussen de Verenigde Staten en China, een traditionele bondgenoot van Noord-Korea. De VS, zijn westerse bondgenoten en Japan hadden aangedrongen op nieuwe sancties die verder gingen dan het nucleaire en rakettenprogramma van Noord-Korea. De levering van goederen die in die programma's gebruikt kunnen worden, is al langer verboden.

China aarzelde echter om maatregelen op te leggen die de stabiliteit van Noord-Korea zouden kunnen bedreigen en zijn economie zouden kunnen doen instorten. Uiteindelijk werd een compromis bereikt en ook China, dat een veto heeft in de Veiligheidsraad, stemde voor de nieuwe sancties.

Obama tevreden

De Amerikaanse president Barack Obama heeft tevreden gereageerd op de nieuwe sancties. "Vandaag heeft de internationale gemeenschap, sprekend met een stem, een eenvoudige boodschap naar Pyongyang gestuurd: Noord-Korea moet deze gevaarlijke programma's opgeven, en een betere weg voor zijn volk kiezen", zo zei Obama in een verklaring.