Duitsland schafft es sowieso, met hulp van de vervelende buren

“Normaal zijn deze agenten bezig met registraties van vluchtelingen, maar aangezien ze nu technisch werkloos zijn, hebben we andere zinvolle taken voor hen, zoals timmeren en schilderen.” Het is een vreemd beeld, in een vroegere autogarage in Passau, momenteel vluchtelingenopvangcentrum. Aan de voordeur van het beloofde Duitsland is vanalles te zien, behalve vluchtelingen. Met dank aan een rits landen ten zuidoosten van Duitsland, die niets van Merkels asielbeleid moeten hebben.

Passau, een historische stad aan de Donau, pal op de grens tussen Oostenrijk en Beieren in Duitsland. Sinds deze zomer waarschijnlijk ook een historische stad voor tienduizenden vluchtelingen: de plaats waar ze – eindelijk – voet aan land konden zetten in het Duitsland waar ze zo naar verlangden.

Toen de vluchtelingenstroom deze zomer op gang kwam, bleef de stad niet bij de pakken zitten: een oude leegstaande garage werd ingericht voor de opvang en registratie van vluchtelingen. Ook de Bundespolizei kreeg er onderdak. Agenten uit heel Duitsland werden naar Passau gestuurd. Ook Achim Berkenkötter, normaal agent in Düsseldorf, maar momenteel 700 kilometer verder aan het werk als perswoordvoerder. Hij neemt mij mee op rondleiding.

"Ook nieuwe hemden, merkkledij!"

“We zijn hier bijzonder goed voorzien”, zegt hij, terwijl hij de deur van het verzorgingskabinet opentrekt, in politietaal “de winkel”. Rechts een klein kabinet waar vluchtelingen verzorgd kunnen worden, links de voorraadkamer: dozen melk, bloem, fruit, ontbijtgranen. Een deur verder liggen stapels kleren op vluchtelingen te wachten. Niet enkel versleten tweedehandskledij. "Ook nieuwe hemden, merkkledij!”, vertellen de agenten me trots. Een voorraad voor grote aantallen vluchtelingen, zoveel is duidelijk. Het grootste deel geschonken door inwoners van Passau. De “Bayrische Wilkommenskultur” is hier duidelijk nog niet dood.

Naast “de winkel” ligt in de oude werkhal het registratie- en verblijfcentrum voor aankomende vluchtelingen. Op het moment dat ik er aankom, zijn er enkel agenten en wat medewerkers van het Rode Kruis. Overal zijn geïmproviseerde rust- en wachtkamertjes ingericht. Tientallen agenten zijn bezig nog een aantal van die kamertjes bij te timmeren, anderen zijn aan het schilderen, nog twee andere agenten testen de registratiecomputers uit.

Vluchtelingen zijn hier niet te zien. “Het is bijzonder rustig geworden”, zegt Achim Berkenkötter. “De voorbije weken kwamen almaar minder vluchtelingen. Vorige week hadden we verschillende dagen waarop geen enkele vluchteling kwam. Straks verwachten we wel een paar bussen uit Oostenrijk. Vluchtelingen die tot aan de grens gebracht worden. Daar pikken wij hen op en brengen hen naar hier."

"Duizenden vluchtelingen zitten onderweg vast"

Het contrast met begin september kan niet groter zijn. Maar de verklaring is vrij simpel: “Duizenden vluchtelingen zitten vast onderweg. Vooral dat de grens tussen Macedonië en Griekenland dicht is, voelen we hier. Die duizenden vluchtelingen die daar vastzitten, komen momenteel niet naar Duitsland. Telkens een grens op de Balkanroute strenger bewaakt wordt, voelen wij dat hier."

En zo bereikt Duitsland wat het land eigenlijk wil: minder vluchtelingen, zonder zelf de koers te moeten wijzigen. Die officiële koers is dat Duitsland hulp biedt aan wie hulp nodig heeft. Dat staat ook zo in de grondwet, het is de taal van kanselier Merkel. Maar diezelfde Merkel moet het in Europa met almaar minder vrienden doen. Steeds meer landen willen een bovengrens op het aantal vluchtelingen, of ze gewoon tegenhouden aan de rand van hun land.

Ook Oostenrijk, hier een paar kilometer verder, spreekt tegenwoordig harde taal. Het land heeft beslist dat ze maar 80 vluchtelingen per dag meer registreren, de rest wordt tegengehouden of doorgesluisd naar Duitsland. Daarmee stelt de regering van kanselier Faymann zich lijnrecht tegenover het beleid van Merkel. Het kleine buurland organiseerde zelfs een top met alle landen op de Balkanroute, EU-lid of niet. Duitsland was niet welkom. Op die top werd afgesproken dat Macedonië extra geld krijgt om de grens te bewaken, om vluchtelingen uit Griekenland tegen te houden.

Duitsland reageerde verontwaardigd: terwijl Merkel pleit voor een Europese oplossing en een betere bewaking van de buitengrenzen, denkt Oostenrijk in termen als bovengrenzen, gesloten binnengrenzen, vluchtelingen ver genoeg tegenhouden, het EU-land Griekenland met de problemen opzadelen. Oostenrijk beet van zich af: “Als Duitsland zo graag vluchtelingen wil, dat ze ze dan rechtstreeks in Griekenland gaan halen. Wij zijn het beu om het transitland naar Duitsland te zijn”, iets wat Duitsland dan weer niet wil. Het belooft een pittige discussie te worden op de Eurotop volgende week.

Beierse regering niet rouwig om lege opvangcentra

Maar het uiteindelijke gevolg laat zich in Duitsland voelen: lege opvangcentra aan de Duits-Oostenrijkse grens, daar in Passau. Iets waar de Beierse regering trouwens niet rouwig om is: de deelstaat wordt bestuurd door de CSU, de partij die zich meer verwant voelt met Orban en Faymann, dan met Merkel. De partij die er ook al een paar keer mee dreigde zelf de grenzen te gaan sluiten. “Kunnen ze niet”, zegt Berkenkötter van de Bundespolizei: “Het zijn de Duitse grenzen, niet die van Beieren.” Tegengestelde meningen, dus, maar met een gevolg waar ook gastvrij Duitsland best tevreden mee is: ademruimte.

Tegen zessen komt dan inderdaad een bus vluchtelingen uit Oostenrijk aan. Het “transitland-Oostenrijk” heeft de vooral Syrische families tot aan de grens gebracht, daar konden ze overstappen op een Duitse bus. Het zijn doodvermoeide mensen die het registratiecentrum binnen stappen. “Waanzin”, vertelt een Syrische vader mij. “Aan elke grens moesten we dagen wachten. Politieke waanzin is dat. Wij hebben het nog gehaald, maar ik vrees voor vele anderen die daar in Griekenland vast zitten. Maar ik ben er, eindelijk, ik ben er. In het laatste land. Hier blijf ik.”

Overnachten zullen hij en dertigtal anderen in Passau niet. “Ze worden hier snel geregistreerd, daarna gaan ze naar opvangcentra in de rest van het land. Nu er zo weinig mensen komen en met al onze ervaring kunnen we intussen alles snel afhandelen”, aldus de politie. Een man is ziek geworden door de lange reis. Hij moet nog even langs het verzorgingskabinet. “Geen nood, alles staat klaar.”