Meest recent

    De wachtzaal van Europa - Maja Wolny

    In Centraal-Europa worden vier moeilijke talen gesproken: Hongaars, Pools, Slovaaks en Tsjechisch. Maar de jongste tijd lijkt het alsof in alle vier dezelfde toon hoorbaar is: plat populisme met een hoog nationalistisch accent.
    opinie
    Opinie

    Maja Wolny is een Pools-Belgische schrijfster. Ze werkt en woont afwisselend aan de Noordzee en in Kazimierz Dolny, in het oosten van Polen.

    Meer dan 30 jaar geleden schreef Milan Kundera het essay "Un Occident kidnappé, ou la tragédie de l'Europe Central" waarin de schrijver het verschil tussen West- en Oost-Europa probeerde te schetsen. Dat verschil zou volgens hem wortelen in de immer bedreigde existentie van de kleine landen in het midden van het Europese continent, die geen beslissende politieke stem krijgen, maar altijd in de wachtzaal van Europa blijven zitten.

    De Centraal-Europese talen worden door weinigen gesproken, wat het gevoel van isolement nog groter maakt. Terwijl net cultuur, literatuur en taal cruciale elementen zijn voor de identiteit van de Centraal-Europese staten. De opmerkingen van Kundera worden in de huidige migratiecrisis opnieuw bijzonder actueel.

    Rituele zelfmoord

    Gisteren haalde de populistische SMER van Robert Fico een verwachte winst bij de parlementsverkiezingen in Slovakije. Maar zijn overwinning was kleiner dan voorspeld. Wat geen enkele opiniepeiler had voorzien, was de electorale prestatie van LSNS, de extreemrechtse partij van Marian Kotleba.

    LSNS is beroemd en berucht voor de uniformen die naar nazikledij ruiken en voor de bikkelharde uitspraken tegen de Roma-mensen. Zodoende betekenen de verkiezingen in Slovakije een ruk naar rechts die veel radicaler is dan iemand vooraf kon bevroeden.

    Tijdens de Slovaakse campagne was de migratiecrisis het belangrijkste thema. Nauwelijks enkele weken voor de verkiezingsdag liet Fico in de Tsjechische krant Pravo optekenen dat Europa "een rituele zelfmoord begaat".

    Hij ging tekeer tegen de samenwerking tussen de EU en Turkije, en tegen de spreidingsplannen van migranten zoals de Duitse Bondskanselier Merkel bepleit. Hij zette het "realisme" van Centraal-Europa en Oostenrijk af tegen de "naïviteit" van West-Europa. Vanaf juli neemt Slovakije het Europees voorzitterschap van Nederland over.

    In Tsjechië wordt een vergelijkbaar liedje gezongen. Sinds enkele maanden geniet de extreemrechtse band Ortel een enorme populariteit. Deze muziekgroep werd beroemd met videoclips die een parodie zijn op de propagandafilmpjes van Islamitische Staat. Een song die begint als een zachte gitaarballade, groeit uit tot een hymne die oproept tot verzet tegen de islam met als refrein "Voor de glorie van Allah/ / zullen ze je onthoofden".

    Tot voor kort was Ortel een marginale groep, nu spelen ze bijna dagelijks en vliegen de tickets voor hun concerten de deur uit. De carrière van Ortel zou waarschijnlijk nooit zo spectaculair zijn zonder de Europese migratiecrisis. De Tsjechen staan immers, net zoals andere Centraal-Europeanen, behoorlijk negatief tegenover migranten uit het Midden-Oosten die in deze regio zonder overdaad aan nuancering "de Arabieren" worden genoemd.

    De Tsjechische president, Milos Zeman, deelt de mening van Jaroslaw Kaczynski, de leider van de Poolse regeringspartij Recht en Rechtvaardigheid, dat de migranten gevaarlijk voor de volksgezondheid zijn en dat ze dragers van ziekmakende virussen zijn.

    Een migrant is er een te veel

    Tsjechië behoort tot de meest gelaïciseerde landen van heel Europa. In tegenstelling tot het overwegend katholieke Polen of Slovakije, vind je in Tsjechië uiterst moeizaam een gelovige. Maar wie naar de liedjes van de band Ortel luistert, krijgt de indruk dat de christelijke identiteit herleeft, zij het dan louter als alternatief voor de islam.

    In Polen wordt dezer dagen vaak gerefereerd naar het concept van "Antemurale Christianitatis". Tijdens het historische Beleg van Wenen in 1683 waagde het Ottomaanse Rijk een poging om de hoofdstad van Oostenrijk in te nemen. De stad stond op het punt te vallen tot ze werd ontzet door de legers van de Poolse koning Jan III Sobieski.

    Vanaf dan groeide de overtuiging dat Polen een bijzondere historische rol te vervullen heeft: het Westen verdedigen tegen de islam. Wie naar het hedendaagse Centraal-Europa kijkt, kan niet anders dan besluiten dan dat het concept "Antemurale Christianitis" voor heel Centraal-Europa een nieuwe, krachtige en inspirerende mythe is geworden.

    De Hongaarse premier Viktor Orbán heeft net voor de migratietop tussen de EU en Turkije zijn veto tegen de komst van migranten bevestigd: "Zelfs één extra migrant is één te veel."

    Lopen met soldaten

    Precies een week geleden liep ik de 5 kilometer in een van de grootste loopevenementen van Polen, ter nagedachtenis van de "Verdoemde Soldaten". Dat evenement herdenkt de in het Westen vaak onbekend gebleven Poolse soldaten die na Wereldoorlog II een guerrilla-oorlog hebben gevoerd voor een vrij Polen, tegen de onderwerping aan de Sovjet-Unie van Stalin.

    Voor de prille Poolse communistische regering in 1945 waren de “Verdoemde Soldaten” deserteurs en verraders. Ze werden opgejaagd, opgepakt, ter dood veroordeeld en naamloos begraven. Pas in de jongste jaren wordt hun naam in eer hersteld. Maar zoals steeds in de geschiedenis is de waarheid minder zwart-wit dan ze lijkt. Waren de “Verdoemde Soldaten” vaak heldhaftige vrijheidsstrijders, sommigen van hen waren minder eervol en verantwoordelijk voor etnische zuiveringen en antisemitisme.

    De stratenloop van vorige week werd met veel zorg en aandacht georganiseerd. Overal stonden camera’s om de meer dan 40.000 deelnemers te filmen. De stratenloop vond plaats in alle grote Poolse steden en in een aantal buitenlandse plekken waar de Poolse diaspora stevig aanwezig is.

    Elke deelnemer, zelfs hij of zij met een zeer bescheiden snelheidsresultaat zoals ik, kreeg na afloop een medaille uit de beverige hand van een van de schaarse overlevende oud-strijders. Drie soldaten te paard stonden fier bij de aankomstplek. Deze dag moest een feest zijn van fierheid en onbuigzaamheid van lichaam en geest.

    Toen ik hijgend mijn vijfde kilometer in ging, dacht ik aan een thema dat in België al langer een gevoelig thema is: waar eindigt de ware liefde voor land en volk en waar begint blind nationalisme? Of, als je de vraag vertaalt naar de huidige Europese migratiecrisis: waar eindigt de zorg om de eigenheid en de met zorg opgebouwd Europese identiteit en waar begint de pure xenofobie?

    Enkele dagen geleden was ik een toevallige getuige van een nationalistische demonstratie in het centrum van Warschau. Ik zag de rood-witte vlaggen in het avondlijke donker, ik zag de politieauto’s en honderden jonge mensen die luid “Polska!” scandeerden. Ik proefde een onaangename smaak.

    Hoewel ik dezelfde taal spreek als deze mensen, voelde ik niks gemeenschappelijks met deze ritmisch marcherende landgenoten. Eventjes wou ik ongezien verdwijnen, in een onzichtbaar vliegtuig stappen en naar mijn tweede thuisland België ontsnappen. Maar daar stond ik dan, midden in de belangrijkste Centraal-Europese hoofdstad, in mijn gedachten ver weg van het Westen én van het Oosten, in de wachtzaal van Europa, een Europa vervuld met angst.