Erdogan: "We dwingen het terrorisme op de knieën"

Na de bloedige aanslag in de Turkse hoofdstad Ankara heeft de Turkse president Recep Tayyip Erdogan gezworen het terrorisme op de knieën te zullen dwingen. De aanslag, waarbij 37 doden en 125 gewonden vielen, is nog niet opgeëist, maar volgens de Turkse overheid zijn de twee daders gelinkt aan de Koerdische beweging PKK. Vanmorgen al hebben Turkse gevechtsvliegtuigen PKK-basissen in Noord-Irak gebombardeerd.

De aanslag van gisteravond is nog niet opgeëist, maar president Erdogan en premier Ahmet Davutoglu wjizen met een beschuldigende vinger naar de PKK en een militie van Syrische Koerden. "Bewijs toont aan dat twee daders gelinkt zijn aan de Koerdische beweging PKK", klinkt het bij de veiligheidsdiensten. 

"Turkije zal terugslaan", klonk het meteen dreigend bij de Turkse president. "We zullen nooit verzaken aan ons recht op zelfverdediging tegen elke vorm van terreur. We krijgen het terrorisme op de knieën." Een dreigement dat vanmorgen al in de praktijk is omgezet: in het noorden van Irak hebben Turkse gevechtsvliegtuigen basissen van de Koerdische beweging PKK gebombardeerd. Elf vliegtuigen viseerden de bergachtige regio rond Kandil, waar de rebellenleiders van de PKK zich schuilhouden.

Ook vanuit het buitenland is de aanslag intussen scherp veroordeeld: de VS benadrukte tegelijk het "sterke partnerschap met Turkije, onze bondgenoot in de strijd tegen de dreiging van het terrorisme" en de Franse president François Hollande drukte zijn "solidariteit met het Turkse volk" uit en sprak zijn steun uit voor de strijd tegen het terrorisme. De EU is dan weer "bereid om de internationale samenwerking verder uit te breiden" en NAVO-secretaris-generaal Jens Stoltenberg beklemtoonde dat "alle bondgenoten solidair aan de zijde van Turkije staan, vastbesloten om het terrorisme in al zijn vormen te bestrijden".

AFP or licensors
AFP or licensors
AFP or licensors
AFP or licensors