Leerkrachten mogen vanaf september borstvoedingspauzes nemen

Vanaf september zullen ook kersverse moeders die in het onderwijs werken borstvoedingspauzes kunnen nemen. Dat recht kan hen niet langer worden geweigerd, zo staat expliciet in het decreet ODXXVI, het verzameldecreet dat alle wijzigingen bevat die ingaan bij het volgende schooljaar. "Een terechte en knappe verwezenlijking", zegt het COV, het Christelijk Onderwijzersverbond.

Het recht op borstvoedingspauze is eigenlijk al 15 jaar geregeld via een cao van de Nationale Arbeidsraad. Nu wordt het recht ook expliciet opgenomen in de onderwijsregelgeving. Vanaf september zullen moeders in het onderwijs hun werk mogen onderbreken om hun kindje borstvoeding te geven of melk af te kolven. Dat recht zal hen niet langer kunnen worden geweigerd.

Het aantal pauzes hangt af van de werkuren. Zo zijn twee pauzes van een halfuur of één pauze van een uur mogelijk voor een werkdag van minstens zevenenhalf uur. Voor een werkdag van minstens vier uur gaat het om een pauze van een halfuur.

Getuigschrift

Werknemers die borstvoedingspauzes willen nemen, hebben wel een medisch getuigschrift van hun arts of een attest van Kind & Gezin nodig. Het betrokken schoolbestuur moet ook minstens twee maanden op voorhand op de hoogte gebracht worden. Wie bijvoorbeeld meteen op 1 september 2016 wil starten met borstvoedingspauzes, moet zijn schoolbestuur tegen uiterlijk 30 juni 2016 op de hoogte brengen. "De school zelf moet een goed verwarmde en verluchte ruimte waar je borstvoeding kan geven of melk kan afkolven ter beschikking stellen."

Wie borstvoedingspauzes neemt, verliest geen deel van zijn loon. De periode van de borstvoedingspauze wordt bezoldigd en gelijkgesteld met dienstactiviteit. Er kan ook niet gevraagd worden de tijd van de pauze(s) later in te halen.

Het voorontwerp van Onderwijsdecreet XXVI is op 19 februari goedgekeurd door de Vlaamse regering. De tekst moet nog wel een weg afleggen, o.a. via de Raad van State, en moet nog worden besproken en gestemd in het Vlaams Parlement. Pas daarna kunnen de maatregelen echt van kracht gaan.