De lessen van Grand Bassam

Een week geleden werd in het West-Afrikaanse land Ivoorkust een aanslag gepleegd tegen drie hotels in Grand Bassam, een badplaats op enkele tientallen kilometer van de commerciële hoofdstad Abidjan. Volgens Katrien Vanderschoot was het geen toeval dat Grand Bassam geviseerd werd.
labels
Analyse
Aansturen van de 'analyse' teaser o.a. op de home pagina en 'analyse' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'analyse' overzichtspagina

Bebloede lichamen onder de palmbomen op het witte strand aan de golf van Guinée. 11 Ivorianen zouden het leven laten, onder wie 3 militairen. Er zijn ook 4 Fransen omgekomen, 1 Duitse vrouw en andere burgers uit Libanon, Macedonië en Nigeria. Ze genoten van hun zondagse ontspanning even buiten de drukke hoofdstad Abidjan toen enkele gewapende mannen wild om zich heen begonnen te schieten.

Het is geen toeval dat de jihadisten van Aqim (al Qaeda in de Mahreb) het gemunt hadden op Grand Bassam. De nostalgische badplaats was sinds het begin van de kolonisatie een belangrijke handelsplaats, en het hart van de Franse aanwezigheid in West-Afrika. Dankzij zijn nu aftandse koloniale gebouwen werd het plaatsje zelfs werelderfgoed van de UNESCO.

Belangrijker, Grand Bassam ligt op slechts enkele kilometer van Port Bouët, waar het Franse leger enkele honderden manschappen heeft gelegerd. De kazerne is een van de achterhoedebases van de operatie Barkhane, genoemd naar een golvende woestijnduin, de opvolger van operatie Serval tegen opstandelingen in Mali.

Snelweg van jihadisme

Frankrijk besliste in juli 2014 dat de rebellie in Mali voldoende in bedwang was en dat de VN-macht kon overnemen. Maar de 4500 militairen werden niet allemaal naar huis gestuurd. 3000 zouden er worden ingezet voor een meer gecoördineerde en flexibele strijd tegen de uitdijende terreur van onder meer Al Qaeda en andere jihadisten.

Zeker sinds de val van de Libische president Khadafi is de hele instabiele regio tussen het zuiden van Libië en de Atlantische Oceaan een broeihaard geworden van allerlei jihadistische groeperingen.

“Om te vermijden dat de regio een snelweg wordt van wapen- en drugstrafiek waar volop nieuwe militanten worden gerekruteerd, moeten we samenwerken met de plaatselijke partners in die Sahelgordel”, zei minister van defensie Le Drian toen. Dat werden de zogenoemde G5 van de Sahel: Mauritanië, Burkina Faso, Mali, Niger en Tsjaad . De Tsjadische hoofdstad Ndjamena werd het hoofdkwartier van operatie Barkhane, naast regionale bases in Gao (Mali), Ouagadougou (Burkina Faso) en Niamey (Niger) en een aantal kleinere bases waaronder die van Port Bouët in Ivoorkust.

Naar het zuiden

Of operatie Barkhane het gewenste resultaat haalt, is twijfelachtig. Het voorbije jaar is het aantal aanslagen op Frans getinte doelwitten alleen maar toegenomen. In 2014 waren er 42 aanslagen in Mali, vorig jaar 101, niet alleen in Mali maar ook al meer naar het zuiden, in Burkina Faso.

Daarbij waren ook zware treffers, met veel buitenlandse doden, in Bamako en Ouagadougou. Ze droegen de stempel van AQIM, net als de aanslag van vorige zondag in Ivoorkust: zoveel mogelijk hooggeplaatste burgers van het regime én buitenlanders om het leven brengen, én het toerisme treffen, dat zich nog maar net herstelt van vele jaren conflict.

Lange uitputtingsslag?

Als het zo doorgaat dreigt West-Afrika het Franse Afghanistan of Irak te worden. Met amper 3000 manschappen kan je de terroristen niet verslaan, zeker niet op hun eigen onmetelijke woestijnterrein. Bovendien zijn de staten waarmee Frankrijk een alliantie is aangegaan nauwelijks stabiel te noemen.

In Mali, Burkina Faso en Ivoorkust is nog maar pas een echte prille democratie tot stand gebracht. Onder meer onder impuls van burgerbewegingen werden veteranen afgezet van tijdens de ‘Francafrique’, toen Frankrijk voor zijn eigen economische profijt stromannen op de troon hield die nauwelijks omkeken naar hun onderdanen en de opbouw van hun land. Maar dat wil niet zeggen dat de sociale ongelijkheid en de frustratie zijn verdwenen.

Precies die elementen zijn een ideale broeihaard van extremisme. Het risico bestaat dat de jihadisten in de Sahel ook steeds meer gaan rekruteren bij de zwart-Afrikaanse jongeren in de zuidelijke staten aan de golf van Guinée, niet erg ver overigens van het terrein van die andere beruchte fundamentalistische terreurgroep Boko Haram.

Ontwikkeling

De lessen van na de Arabische Lente zijn duidelijk nog niet geleerd. Als Frankrijk ‘cavalier seul’ blijft spelen, ook al is het met de legers van de partnerlanden, zonder dat er tegelijk werk wordt gemaakt van ontwikkeling en politieke hervorming, dan draait operatie Barkhane wellicht uit op een débâcle.

Frankrijk zou er alvast beter aan doen om samen te werken met de Afrikaanse Unie of met de Europese Unie, die al enkele jaren een strategie voor veiligheid én ontwikkeling in de Sahel heeft ontwikkeld. Het zou ook moeten open staan voor de burgerbewegingen die op een vreedzame manier de oude politieke cultuur willen veranderen. De vraag is natuurlijk of de Franse regering dat wel wilt. Het alternatief is een uitzichtloze strijd die zal verharden en waarbij steeds meer bloedige dominoblokken zoals die van Grand Bassam zullen omver vallen.