Genetische oorzaak voor beide types diabetes

Een genetisch defect kan aan de basis liggen van beide types van diabetes. Dat blijkt uit onderzoek onder leiding van Adrian Liston (VIB/KU Leuven). Het onderzoek kan leiden tot een doorbraak voor de behandeling van de latere fase van het type 2-diabetes waarvoor vandaag geen behandeling bestaat.

Wereldwijd hebben 400 miljoen mensen diabetes. De oorzaak van deze aandoening is het onvermogen van het lichaam om het bloedsuikergehalte te verlagen, een proces dat normaal gezien wordt geregeld door insuline, een stof die geproduceerd wordt door bètacellen.

Diabetespatiënten kan men doorgaans onderverdelen in twee categorieën. Een eerste categorie is type 1-diabetes, die wordt veroorzaakt door auto-immuniteit op jonge leeftijd. De tweede variant, type 2-diabetes, wordt veroorzaakt door een stofwisselingsstoring van de lever.

Hoewel velen diabetes beschouwen als het resultaat van een slechte levensstijl, heeft de ziekte een sterke genetische oorzaak. Nieuw onderzoek toont nu aan dat een eenvoudig genetisch defect in bètacellen aan de basis kan liggen van beide types diabetes.

Uit proeven met muizen bleek dat dieren met fragiele bètacellen razendsnel diabetes ontwikkelden, terwijl andere met robuuste bètacellen gespaard bleven van de ziekte, ook al leden ze aan auto-immuniteit of een metabolische storing van de lever.

De huidige behandelingen voor type 2-diabetes richten zich op het verbeteren van de stofwisselingsrespons van de lever op insuline en kunnen gecombineerd met aanpassingen aan de levensstijl de beginfase onder controle houden. Voor de latere fase van deze aandoening, als de bètacellen afsterven, is er nog geen effectieve behandeling.

Door de ontdekking van de onderzoekers kan er nu gewerkt worden aan een medicatie die zich focust op de bescherming van de bètacellen.